vrijdag 25 maart 2016

Juist spreken? Wat is dat en hoe doe je dat?

Een paar weken geleden kreeg ik van een deelneemster van een van onze programma’s een tekst toegestuurd over juist spreken. Juist spreken? Dat hebben we toch gewoon geleerd? We weten toch hoe we moeten spreken? Wat is daar nu aan te leren…?
Misschien toch veel meer dan je denkt. Graag geef ik er, getriggerd door haar verhaal, een beetje achtergrond voor.

Dat juist spreken is één van de 8 stappen in de boeddhistische leer die de Boeddha het 8-voudige pad of ‘de middenweg’ noemde. Eén daarvan gaat over dat juiste spreken.

Het 8-voudige pad geeft, in eenvoudige bewoordingen gezegd, 8 richtlijnen die de essentie zijn van zijn leer. Hij moedigt er mensen mee aan om dat pad te volgen zodat voor altijd vrijheid, plezier en geluk te ervaren.

Je spreekt ‘juist’ als je verhaal drie verschillende zeven kan passeren.

De eerste zeef staat voor de persoonlijke vraag:
Weet je 100% zeker dat dat wat je wilt vertellen waar is?
Vaak vangen we slechts flarden op of kennen we slechts één kant of de halve waarheid van een verhaal. Meehuilen met de wolven in het bos is niet wat met juist spreken wordt bedoeld.
De afmetingen van de gaten in de zeef geven ook aan; Maak je verhaal niet groter of mooier dan het is. Verbind er niet je eigen gedachten aan die al richting geven aan de door jou gewenste uitkomst of aan de manier waarop jij zaken begrijpt. 

De tweede zeef staat voor de persoonlijke vraag:
Levert dat wat je wilt zeggen een positieve bijdrage aan iets, iemand of de situatie?
Soms verspreiden we, zonder er overigens altijd erg in te hebben, laster en of beschadigen we anderen of situaties omwille van onszelf of onze vrienden die we trouw willen blijven. Het kan roddel of achterklap zijn.

De derde zeef staat voor de persoonlijke vraag:
Is het noodzakelijk om het te vertellen?
Welk nut heeft het?

Dat wat over blijft, de drie zeven passeert, staat binnen het 8-voudige pad voor 'juist spreken'.

Eerlijk is eerlijk, mij lukte en lukt het lang niet altijd. Regelmatig viel of valt er een zeefje tussenuit. En toch…

Ik kocht drie zeven om het in de lessen die ik geef uit te leggen. Een handige manier om deze wijsheid beter te begrijpen en eens vaker stil te staan bij ons spreken. En in de periodieke herhaling van de uitleg zit kracht. Ook ik zet er op in om deze wijsheid niet alleen verder te verspreiden maar ook steeds meer te leven.

Met dank voor het delen van dit inzicht aan mijn gast. En zo verspreidt het zich weer verder. 

Voel je uitgenodigd en vrij om dit nieuws verder te verspreiden.


Frans Captijn

vrijdag 18 maart 2016

Loslaten van iets goeds. Accepteer de emotie, vermijd de pijn.

Heel veel mensen hebben grote problemen met de kunst van het los kunnen laten. Ik heb er als eens (op 22 mei 2015) een blog over geschreven. Ongeveer een maand geleden leerde ik over dat loslaten tijdens een les Boeddhistische filosofie nog wat meer. Een inzicht dat ik echt graag wil delen.

Als er spraken is van een los laten dan moet er eerst iets zijn geweest. Iets dat je bent gaan vasthouden. Het kan een ingewilligd verlangen of een vervulde wens zijn, liefde, een fijne baan of wat dan ook. Om het maar eens zo te zeggen… het kwam op je levenspad. In het begin maakte het je heel erg opgewekt en blij. Heel vaak werd het meer ‘gewoon’ toen je er een tijdje aan gewend was. En nu je het moet missen voelt dan droevig of kan het je pijn doen.

Als het gaat om iets ‘slechts’ in je leven dat je moet missen heb je er – meestal – geen enkele moeite mee om het los te laten en kan het jezelf zelfs blij maken. Als het draait om iets goeds dan komen er ineens problemen om de hoek kijken.

Er is een pracht van een gezegde: “Pijn is onvermijdbaar, lijden is een keuze.”
Tijdens de filosofie les kreeg ik hier een ander in-zicht over. Zelfs pijn is in de meeste gevallen een optie.

De Boeddhistische filosofie leert dat alles in het leven een (onderliggende) betekenis heeft in relatie tot je persoonlijke groei. Het is verbonden met Karma (actie). Karma helpt je innerlijke wijsheid op te doen. Als je goed doet krijg je goed terug. Meestal overigens niet dat wat je zelf graag wilt maar precies op de juiste tijd dat wat je nodig hebt om die groei optimaal door te maken en je missie te vervullen. Dat zie je meestal pas achteraf.

De eerste stap, voordat je dus überhaupt kunt spreken over loslaten, is dat je ‘iets’ hebt. Tijden de les kregen we de metafoor voorgeschoteld dat je een stuk hout bent dat in een rivier (je levenspad) drijft. Het hout verricht geen enkele inspanning om terug te zwemmen. Een weg terug is er immers voor het hout niet. Het kan alleen maar mee drijven of tijdelijk even halt houden. En tijdens het drijven komt het soms andere stukken hout, die je kunt zien als andere mensen of verlangens, tegen waar het zich mee verbindt. Je kunt niet alleen zijn. Er is altijd verbinding als is het maar met het water zelf.

Het is heel normaal en natuurlijk dat, voor een langere of kortere periode, stukken hout met elkaar samen mee drijven. Op een zeker, verwacht of onverwacht, moment is er een tijd van afscheid nemen. Zelfs het hout zelf verrot op enig moment en gaat geheel in de stroom op. Het stuk hout en de rivier maken er geen probleem van. Als je dieper naar dit proces kijkt kun je het zien als een periode van leren, samen genieten en delen in de zelfde stroom (levenspad).

Als mensen creëren we de problemen die we ervaren met loslaten zelf. We blijven maar verlangen (en vasthouden aan) naar het verleden dat niet meer bestaat laat staan ooit nog terug komt. We open ons te weinig voor het accepteren van de (onzekere) toekomst en missen vaak het inzicht dat er nieuwe uitdagingen op ons liggen te wachten om ons verder te laten groeien.

Ook in relatie tot dit laatste kreeg ik een metafoor aangereikt. Je kunt het zien als gebroken glas, iets dat je dierbaar was, in je hand. Je kunt er bedroefd over zijn dat het is gebroken, je kunt proberen het te lijmen maar… je weet al lang, je krijgt het nooit meer terug in die staat zoals het was.

In ons proces van loslaten proberen we steeds sterker vast te houden. En daar start de pijn. We zijn niet alleen bedroefd maar met het niet willen loslaten ruineren we onszelf met pijn omdat het gebroken glas steeds dieper als scherpe messen in onze handpalm en vingers snijdt. Niemand vraagt ons om onszelf kapot te maken.

Het Boeddhisme leert, accepteer de emotie dus als je wilt huilen, huil dan. Emotie heeft tijd nodig om weg te ebben en dat proces kun je niet forceren. Je kunt het niet vertragen of versnellen het proces heeft zijn eigen tijd nodig. De emotie of het gevoel wordt vanuit ons onder- of vóór-bewustzijn gegenereerd en het enige dat het gevoel misschien wat kan verzachten is ons focussen en het ons inbeelden van positieve zaken.

Draai die handpalmen naar beneden en laat het gebroken glas vallen. Draai ze dan terug. Zie dat ze weer open staan om nieuwe dingen te ontvangen om verder te groeien en weer te bloeien.

Frans Captijn
www.captijninsight.com


vrijdag 11 maart 2016

De wijze les van een muntje bij een crematie

In de Thaise boeddhistische cultuur is het heel gewoon dat mensen, nadat ze zijn overleden, binnen drie dagen worden gecremeerd in plaats van begraven. Op het platte land heeft ook bijna ieder dorp zijn eigen openlucht crematieplek.

Soms, als een wijze les, stoppen familieleden onder de tong van de overleden person een muntstuk. Dit nog meer aandacht en nadruk op het doel van leven te leggen.

In de meeste culturen wordt niet erg veel over de dood gesproken. In het boeddhisme daarentegen is het de normaalste zaak van de wereld. Daar is het verbonden met de innerlijke beleving en het geloof in voortbestaan en toekomst, een continue beweging van opnieuw zijn. Het voortdurende cyclische proces van geboorte, leven, leren, delen en het verder opbouwen en ontwikkelen van innerlijke wijsheid en sterven om ruimte te geven aan wedergeboorte enzovoort. De Dharma cirkel of cirkel van Samsara wordt het genoemd.

Je komt helemaal alleen op deze wereld en je vertrekt e rook weer alleen vandaan. Wie er ook om je geboorteplek of sterfbed heen staat. Meestal staan we bij dit uitgangspunt niet of nauwelijks stil. Als jouw tijd, verwacht of onverwacht, gekomen is kun je helemaal niets meenemen.
We gaan maar door met het onszelf ziek maken bij het willen vervullen van onze verlangens. Met het hebben van verlangens en er invulling aan proberen te geven is op zich helemaal niets mis. Maar we slaan regelmatig door. Er komt geen eind aan nog meer nodig denken te hebben of willen hebben. Wat heb je écht nodig om gelukkig te zijn en te blijven? We hollen maar door omdat we denken dat de toekomst nog meer geluk voor ons in petto heeft. We hebben niet in de gaten dat we meestal boven op ons eigen geluk staan en er geen oog voor hebben. We doen steeds onbewuster mee aan de voortdurende rat-race naar meer en meer geld en vergeten daardoor in veel gevallen nog te genieten van leven.

De wijze les van het muntje onder de tong van een overledene onder de tong bij een crematie plechtigheid wil ons twee dingen leren.
Na de crematie blijft er alleen as en stof over (en natuurlijk de herinneringen bij diegenen die feitelijk nog door mogen of moeten gaan tot ook voor hen de tijd daar is). Het andere dat overblijft is dat muntstuk. Het toont aan dat het je niet tijdens je verdere reis vergezelde. Je moet het achter laten en kunt het gewoonweg niet meenemen.
Het andere dat het ons leert is dat het muntje, na de crematie, zwart en vuil is geworden. Het kan jou en de goede dingen die je er in je leven mee had kunnen doen niet meer dienen.

De onderliggende gedachtegang? LEEF het leven. Begrijp dat je hier bent om geode dingen te doen, om te groeien en te delen en om een stempel achter te laten. Geld is, tot op zekere hoogte, nodig. Sla er niet in door en gebruik het om NU te leven en goede dingen te doen. Genoeg is daarbij genoeg. Verspil je tijd niet aan het rennen voor alsmaar meer en daardoor nog nauwelijks te leven en je missie te vervullen.
Je komt alleen (en naakt) en je vertrekt alleen (zonder een cent).

Frans Captijn
www.captijninsight.com


vrijdag 4 maart 2016

Waar komt je karakter vandaan?

Ooit had ik twee Kooikerhondjes uit het zelfde nest. Ze kregen vanuit hun ouders en de mensen in Twente die het nestje hadden dezelfde zorg en aandacht en ook bij ons thuis was dat niet anders. En toch… de karakters van die twee waren enorm anders. Met kinderen en broers en zussen uit eenzelfde gezin is het niet anders. Karakters verschillen en zijn niet of nauwelijks te veranderen. Je wordt er mee geboren wordt wel eens gezegd.

Karakter, wat is dat eigenlijk en hoe kom je er aan? Iets dat onlangs tijdens vragen tijdens een klas ‘mind science’ op kwam. Hier slechts een poging, vanuit de cultuur waar ik me in begeef, om iets meer helderheid op die vraag te krijgen.

Je wordt geboren met je fysieke lichaam. Je kunt het de hardware noemen. De ene persoon is en blijft klein, de andere groot. De ene dun de andere dik. De huidskleur kan verschillen en ieder gezicht is anders en toch… dat lichaam kun je zien als ‘neutraal’.

Eén van de organen in dat lichaam noemen we de hersenen. De plaats waar onze geest is gevestigd. Je kunt het zien als de software. De aansturing van je fysieke lichaam en je gedrag. De plek waar je on-bewustzijn (zo’n 30 – 40% van je hersencapaciteit), je vóór-bewustzijn of onderbewustzijn (zo’n 50 – 60% van je hersencapaciteit verbonden met gevoel en veelal ook routinematige activiteiten) en je bewustzijn (zo’n 10% van je hersencapaciteit) zijn gevestigd. 

In het on-bewustzijn, de diepe donkere oceaan van je brein, zetelt je levensstijl (de wijze van waaruit je van nature - en als basis impuls - op situaties in je omgeving reageert) die je in de eerste acht tot 10 jaar van je leven vanuit je ervaringen hebt opgebouwd. Cultuur, omgeving, religie, gezinssituatie, meesters in je leven, etc., zijn er fundamenten voor. Je kunt het zien als je werkprogramma's, je software. Als je werkprogramma’s in je computer installeert kun je je computer bruikbaar en waardevol maken.

Lichaam en geest maken dus – grotendeels – uit hoe jij in de wereld om je heen functioneert en acteert.

En waar komt dan dat karakter vandaan?
Een ander woord voor karakter is aard of temperament. Je kunt het zien als een basis waarmee je geboren bent. Een pakketje voortdurend aanwezige energie dat je in meerdere of mindere mate inzet in alles dat je doet. Het is de basis van jouw uniekheid, van je persoonlijkheid. Een gedragsbepalend element.

Karakter is iets dat duidelijk van binnen komt en moeilijk of niet op een plek in het fysieke lichaam aan te wijzen is. Karakter is ook niet of nauwelijks aan te passen laat staan te veranderen. Het is een vast gegeven in je leven. Gezegd wordt dat je het erft.

Een filosofie die ik aanhang is dat het karakter gekoppeld is aan de ziel. Als voormalig brandweerofficier heb ik heel veel mensen mogen zien die nog steeds hun lichaam en hun geest (het orgaan) hadden maar waar de ziel uit was. De vonk om te functioneren en te acteren was verdwenen. Ze waren dood.  Verstand, gevoel, wilskracht en balans waren verdwenen.

Het mooie van de boeddhistische filosofie is dat als je, door welke reden dan ook, afscheid moet nemen van je lichaam, je je ziel de vrijheid geeft / los laat om verder te kunnen gaan. Het Thaise boeddhisme gaat er daarbij van uit dat de ziel tenminste 100 dagen rust krijgt om balans op te maken, in wijsheid te groeien en nadien weer een nieuwe tijdelijke tempel (lichaam) te vinden om verder te kunnen groeien.

En vanuit deze filosofie kun je karakter dan ook zien als iets dat je als vonk mee krijgt. Misschien moet je wel zeggen dat het karakter blijvend is en daarmee de aard of het temperament van dat wat weer opnieuw begint inhoud geeft. De verbindende schakel tussen levens. De energiebron om je unieke missie te vervullen.

Karakter, de ziele motor van je uniekheid en je persoonlijkheid om dat te doen wat je hier te doen staat. Het is slechts een filosofie.

Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 26 februari 2016

Voor altijd jong blijven? (Niet) mogelijk.

De cosmetica industrie, plastische chirurgie, marketing en allerhande ‘gezondheid’ producten en behandelingen laten ons geloven dat we voor altijd jong kunnen blijven. De uiterlijke show moet doorgaan en biljoenen worden verdiend aan uitwendige verandering die mensen jonger laten lijken dan ze zijn.

Het is ons tegengestelde denken (als we jong zijn willen we ouder zijn en als we ouder zijn willen we jonger zijn), die ons gemakkelijke prooien maken voor de meestal dure ‘oplossingen’ om jonger te lijken.

Een wetenschappelijk en biologisch bewezen feit is dat tenminste elke zeven jaar alle cellen van ons lichaam vernieuwd worden. En nog steeds… dat maakt ons niet jonger.
Je lichaam verzorgen door het fit te houden, bewust te eten, schoon te houden, etc., houdt ons gezond. Het voortdurende en natuurlijke verouderingsproces kunnen we er niet en nooit mee stoppen of vertragen.

We kunnen ons lichaam met mooie kleding bedekken en mee doen aan de laatste trends van de mode en toch… het helpt niet tegen ouder worden.

Over het algemeen verzorgen we ons lijf best goed. Maar welke aandacht geven we onze binnenkant, onze geest?
Het boeddhisme vergelijkt onze geest soms met een tuin. Die tuin is vol met vuil waartussen de zaken die we echt nodig hebben nog nauwelijks te vinden zijn. Alle ‘afval’ van alles dat we tot ons nemen uit de wereld om ons heen vergiftigt die tuin. Een zorgzame tuinman om de tuin gezond te houden en zaken te ordenen ontbreekt, net als een wacht die bewaakt wat er de tuin in komt en uit gaat.

We kunnen altijd jong blijven. De fout die we maken is dat we dat jong blijven over het algemeen alleen maar aan de buitenkant zoeken. Onze zintuigen en onze verlangens zijn naar buiten gericht. Laat je verrassen als je meer aandacht aan de binnenkant, aan je geest, geeft. Dat is waar je je jeugd verloren bent en dat is de enige plek waar je het kunt vinden.

Geloof niet in marketing en in de industrie. Je kunt niet voor altijd jong aan de buitenkant blijven. Omarm en vier je leeftijd. Blijf voor altijd jong aan de binnenkant. Daarmee word je niet ouder met de jaren maar jonger met de dag.

Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 19 februari 2016

Maak je wat minder druk om je vakkenpakket of studiekeuze. Bloeien zul je.

Ik herinner me nog hoeveel spanning en feitelijk ook stress het bij zowel kinderen zelf als bij ouders op riep als het aan kwam op het kiezen van een vakkenpakket, halverwege de middelbare school, of het kiezen van een verdere vervolgopleiding of studie.

Inmiddels ben ik in een kleine vier jaar tijd enorm veel volwassenen tegen gekomen die voor hun programma of tijdens een stuk life- of talent coaching bij ons hun autobiografie vertelden of zelfs op schreven.
In die periode ben ik tot nu toe nog maar één persoon tegen gekomen die nog steeds op een soort rechtlijnig pad als vervolg op die eerdere keuzes volgt. De anderen, ik zou haast zeggen steevast, helemaal niet.

Toen ik hier afgelopen week met een gast over sprak vond ik het tijd worden om die ervaring maar eens in dit blog te delen. Wie weet maak ik er jongeren en ook ouderen blij mee of kan ik die ‘keuzestress’ wat verminderen.

Jongeren maken heel vaak de keuzes op basis van wat ze om zich heen zien of ervaren. Banen, posities, levensstijl, etc., van mensen die ze kennen of vanuit verhalen die ze horen. Het is helemaal niet vreemd dat je op jonge leeftijd nog niet precies weet wat je toekomst brengt. Dat is zelfs op oudere leeftijd niet zo. Je missie kennen, en dat is iets dat van binnen uit komt, is vaak nog heel ver weg.

De ‘keuzestress’ komt dan ook, vanuit de verhalen die ik hier hoorde uit een internationaal gezelschap van mensen, veel meer voort uit de gedachte dat je door die keuze op dat moment je verdere toekomst bepaalt. Dat je jezelf vast legt. En juist dat is in de praktijk, zo blijkt, totaal niet waar.
Het dwingt je helemaal niet om die weg, rechtlijnig te volgen. En ja, dat kan maar hoeft absoluut niet. Achteraf blijkt dat eigenlijk geen enkele keuze 'verkeerd' was maar juist de basis is geweest voor en van dat wat je uiteindelijk - en dus vaak in afwijking - bent gaan doen.

Die roep om die dingen uiteindelijk te gaan doen die daadwerkelijk bij jouw uniekheid, jouw passie en jouw missie liggen, komt meestal pas achteraf. En ook dan kun je er meester in worden. Feitelijk ben je er al meester in. Je hoeft die missie immers slechts toe te laten.

Het blijkt dat het vooropleidingsniveau, ervaring, kennis van je talenten, enthousiasme en drive in bijna alle gevallen veel en veel meer zoden aan de dijk brengt.

De idee is dan ook om dat aan vakkenpakket of studierichting te kiezen waar je op dat moment verbinding mee hebt en er vooral niet, of in ieder geval niet teveel, over na te denken over welke deuren je met die keuze dan allemaal voor je toekomst ‘dicht’ zou slaan. Je keuze blijft veel en veel vrijer dan je denkt en jouw pad zal ook onder je voeten ontstaan.

Enorm veel verhalen van mensen, ook in je eigen vrienden en kennissenkring, zijn er van mensen die iets doen waar hun passie ligt, waarmee ze hun geld verdienen, waar ze blij mee zijn en waarvoor ze absoluut niet voor hadden gestudeerd.

Geloof in jezelf en gaan voor verbinding en vrijheid is in mijn beleving dan ook veel belangrijker dan welke ‘keuzestress’ dan ook.

En ook aan mezelf merk ik dat het fantastisch is om aan anderen te vertellen uit welke opleidings- en ervaringswereld je komt in relatie tot die missie die ik nu met passie mag vervullen.

Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 12 februari 2016

Kinderen van gescheiden ouders zijn helemaal niet altijd de dupe.

Zo vaak hoor je het gezegde dat kinderen als ouders gaan scheiden ‘altijd de dupe’ zijn. Meer en meer kom ik er achter dat dat meestal eigenlijk helemaal niet zo is of tenminste niet hoeft te zijn. Getriggerd door het werken met een koppel hier waarin dit onder andere een gespreksonderwerp was schrijf ik mijn gedachten er maar eens in dit blog over op.  

Als ouders de kinderen gebruiken of liever gezegd misbruiken in het proces van de scheiding dan lopen kinderen beschadigingen op. Soms worden kinderen door de ene ouder opgezet tegen de andere. Persoonlijke emoties van de ouders (energie) vangen kinderen als geen ander op. Met bijvoorbeeld continue zich herhalende en vaak elle lange klaagzangen over de ex-partner tegenover familieleden of vrienden maken ouders niet alleen zichzelf maar ook hun omgeving ziek. Zeker als kinderen daar bij in de buurt zijn of vanuit hun slaapkamer van alle zich repeterende ‘privé’ gesprekken van de ouder mogen mee genieten. 

Vrienden, kennissen en ook kinderen voelen vaak de druk om voor de ene of de andere ouder te moeten kiezen en daarmee de andere ouder te verliezen. Iets waar helemaal niet om wordt gevraagd en wat feitelijk ook nooit het doel van een echtscheiding is. En als familieleden, vrienden of kennissen dan toch de behoefte voelen om te kiezen...eigen kinderen hoeven dat toch zeker niet? Ze komen immers voor 50% uit de ene ouder en voor 50% uit de andere ouder voort. Hoezo zouden ze dan moeten kiezen? Waar is het goed voor? Het kweekt enkel verwijdering die er uiteindelijk voor zorgt dat ze weldegelijk de dupe kunnen zijn. 
Het zijn in mijn beleving dan ook de ouders zelf die de hoofdrol spelen in het proces van separatieangst dat bij kinderen vaak ontstaat. En laat ik er maar gelijk heel eerlijk over zijn en naar mezelf kijken, het is in zo'n proces niet gemakkelijk om daar in voldoende mate bij stil te staan.

Willens en wetens bij elkaar blijven in een relatie die - ondanks veel en anders proberen - toch niet meer ondersteunt in wederzijdse groei lijkt de slechtste optie. De niet elkaar stimulerende of zelfs negatieve energie tussen de ouders vergiftigt heel langzaam als een soort infuus het leersysteem van kinderen om te voelen wat houden van, liefde en met elkaar op een veilige en oprechte manier plezier beleven is. Het biedt ze feitelijk een onveilige biotoop om dat gevoel op de meest natuurlijke manier op te doen.

Als ouders, na een periode van houden van, feitelijk op enig moment niet meer samen verder kunnen of willen dan is het zaak om elkaar als ouders los te laten en je weer vrij te voelen. Regel dat dan ook in één keer in plaats van elle lange juridische procedures en strijd die juist ook weer de kinderen de dupe maken. 
De betekenisvolle zin: “Tot de dood jullie scheidt” is en blijft het meest mooie en moet ook uitgangspunt zijn bij de trouw in een liefdesrelatie. Als dat uiteindelijk ten koste van elkaar (en daarmee van de kinderen) gaat moet je je toch afvragen welke keuze het beste dient in individuele groei vanuit respect naar elkaar en naar de kinderen toe. 
En als ouders elkaar dan omwille van die individuele verdere groei los willen/moeten laten dan betekent dat nog niet dat je dan de kinderen die uit die relatie zijn voor gekomen los laat. Het tegenover gestelde zou moeten gebeuren. De individuele band met de kinderen zou er feitelijk juist sterker mee moeten worden. En inderdaad blijven de ouders, ook na een scheiding, door kinderen feitelijk toch altijd met elkaar verbonden.

Met een in diepe treurnis blijven hangen help je jezelf niet, laat staan je kinderen. En nee, natuurlijk kan de knop in de meeste gevallen niet direct om. Zeker niet als één van de partners besluit om met de relatie te stoppen. Er op inzetten om zo snel mogelijk toch (weer) happy te zijn en de nieuwe wegen die ontstaan zonder een afgeven op elkaar te bewandelen helpt.     

Kinderen passen zich heel snel, soms zelfs spelenderwijze, aan de situatie die ontstaan is aan. Ze zijn slimmer dan je vaak denkt en halen op een creatieve manier het beste uit de nieuwe toestand waarin ze terecht zijn gekomen. En alleen staan ze allerminst. Meestal hebben ze diverse vriendjes of vriendinnetjes om zich heen in een vergelijkbare situatie en neemt die creativiteit uit die contacten zelfs toe. Ze weten om te gaan met de soms verschillende regels die gelden in nieuw samengestelde gezinnen die ontstaan. Ze krijgen regelmatig een grotere vrienden en kennissen kring. Ze worden sneller zelfstandig. Vanuit de tijdelijke disbalans vinden ze nieuwe balans. Regelmatig gaan ze prat op twee keer vakantie, twee keer verjaardag vieren, etc.. Ze leren het leven vanuit andere en soms zelfs meer kansen of tenminste inzichten te leven. Het belangrijkste is misschien wel dat ze hun ouders weer blij en in groei om zich heen voelen. En in en vanuit die situatie zijn ze in mijn beleving veel minder de dupe dan dat haast standaard wordt beweerd. En jawel dit kan dus wel. Voorbeelden genoeg.

Kinderen zijn dan ook niet de dupe. Ze worden door het gedrag van ouders soms de dupe gemaakt.
En ja, dat is in de situatie waarin je - vaak nog ondersteund door de zogenaamde ‘recht-spraak’ - in sommige gevallen nog dieper van liefde in haat belandt, niet altijd gemakkelijk. Ook mij lukte het helaas niet of lang niet altijd. Blij dat ik in ieder geval nog steeds een stevige band met mijn kinderen heb.

Frans Captijn
www.captijninsight.com


vrijdag 5 februari 2016

Wat stel je voor? Welke ruimte neem je maar in? Maak je minder druk om alles en LEEF.

Afgelopen week was ik weer hier in de stad Chiang Mai. Het krioelt er van de toeristen die, vaak nog met lange gezichten ook, de stad ‘verkennen’. Het blijft uniek om al die verschillende gezichten en culturen te zien. Iedereen in de wereld een ander gezicht. Wat een wonder! 

Toen ik er zo naar keek en de krioelende meute aan mensen als mieren door elkaar zag hollen, ieder met zijn eigen ‘ding’ bezig, dacht ik terug aan een lezing die ik een tijdje geleden bijwoonde.

Ik zocht er even wat aantekeningen bij die in mijn beleving wel eens heel goed kunnen slaan op dat waar al die krioelende mensen op onze wereld zich allemaal druk over maken. De woorden van de leraar;

“Je neemt slechts een minuscuul stukje ruimte in op deze geweldig grote planeet die deel uit maakt van een oneindig universum vol met andere planeten. Waarom maak je je toch om zo ontzettend veel zaken druk? 

Wat stel je in de wereld voor en welke invloed heeft dat dan? Je kunt niet de hele wereld op je schouders nemen laat staan de hele wereld beïnvloeden.

Veel mensen zijn in een voortdurende strijd met zichzelf gewikkeld om voor de buitenwereld 'de beste' te zijn. Ze beseffen niet dat ze al lang de beste zijn. Ze proberen slechts aan de door henzelf opgelegde eigen verwachtingen te voldoen waarvan ze zeggen en denken dat de buitenwereld hen dat vraagt. Het is een vorm van innerlijke strijd om dat wat feitelijk niet bij hen hoort van anderen te kopiëren en om er daarmee voor zichzelf en anderen te zijn. Ze zoeken in en spiegelen met de buitenwereld terwijl ze nog nooit de moeite hebben genomen om de uniekheid, het beste in zichzelf, te ontdekken. Je maakt jezelf en de wereld om je heen pas echt blij als je deelt van jou specifieke overvloed. Het is een jouw eigen natuurlijke missie vervullen en niet proberen jezelf een missie op te leggen.

Je bent uniek en kunt op jouw juiste plek in de wereld met jouw specifieke talenten en kwaliteiten invloed op je naaste omgeving uitoefenen. Als je zelf blijheid uitstraalt dan beïnvloed je niet alleen jezelf maar ook de wereld om je heen.

Rang, stand, positie, inkomen of bezittingen maken helemaal niets uit om gelukkiger te zijn. De aandelenmarkten bijvoorbeeld hebben de laatste tijd laten zien dat het geluk daar niet in zit. Eerder leveren ze een extra last op in de rugzak met persoonlijke problemen die je toch al met je mee draagt.

Wat zonder er erg in te hebben is ontstaan is uiterlijk vertoon, toneel spelen, en het opbouwen van schijnbare persoonlijke zekerheid. En in die acteur in dat uiterlijke vertoon zit altijd van binnen een heel gewoon mens, met zijn of haar eigen zorgen en problemen of misschien door de geuitte ‘rijkdom’ nog wel veel meer zorgen en problemen. 
Net als iedereen nemen ze slechts een minuscuul stukje ruimte in en op deze geweldig grote planeet. Waar zijn mensen mee bezig en waar doen ze het voor? Sta er eens bij stil.

Als jij er met en in dit leven niet meer bent dan draait de wereld gewoon door. Biljoenen voorouders hebben het ons al laten zien. Slechts een enkeling wordt nog genoemd in een geschiedenisboek. Waar heb jij je prioriteiten in het leven dan gelegd?

Je vervuilt je geest met alles in en uit de hele wereld te willen weten en te willen volgen. Je kunt aan die dingen niets veranderen. Je kunt jezelf veranderen en dat wat jou hier te doen staat met je naaste omgeving delen. Meer wordt er niet van je gevraagd om gelukkig te zijn en gelukkig te maken.

Je staat bovenop je eigen succes en geluk en ziet het daardoor meestal niet. Wat is leven je waard? Maak je eens wat minder druk om alles, neem niet alles zo serieus en LEEF.”

Zomaar een fragment uit een les die ik mocht bijwonen op de Boeddhistische universiteit. Weer iets om eens bij stil te staan.


Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 29 januari 2016

Dood gaan is nog niet sterven. Geen geloof voor nodig.

Er is geen geloof of levensfilosofie voor nodig om er op te kunnen vertrouwen - en dat is zelfs meer dan geloven - dat je als je dood bent niet gestorven bent. Geloof het of niet. Het enige dat je hoeft te doen is er eens bij stil te staan en over te denken. 
En als voor jou, net als voor mij, geloof en/of levensfilosofie weldegelijk ook een rol speelt dan is dat in mijn beleving nog een extra steun in dat vertrouwen.

Waarom ben ik zo stellig in deze overtuiging?

Wie zaait zal oogsten. 
Alles wat je in je leven doet laat een spoor of jouw stempel achter. Je leeft hier niet zomaar. Je bent hier om iets te doen en zelfs al zou je die mening niet hebben dan nog doe je hier iets op deze wereld. En met die bijdrage laat je iets na. 

De natuur leert al dat in slechts 1 zaadje van een boom een heel bos verstopt ligt. En ja, dan moet dat zaadje wel goed vallen en in de meest optimale omstandigheden opgroeien om als boom weer nieuwe zaden voort te brengen. Het zaadje en de boom moeten dat op een natuurlijke manier maar een beetje afwachten. 

Als mensen hebben we daarin weldegelijk een keuze. Wat is jouw optimale, inspirerende en motiverende leefomgeving om te delen wat je te delen hebt? En een vraag die daar bij thuis hoort is; Geef je gevolg aan dat antwoord op die eerste vraag of die oproep? En als dat door wat voor reden - zo lang dat geen generaal excuus is - niet kan, ga je dan voor de best mogelijke plek?

Je laat dus altijd, jong of ouder, iets achter voor anderen van deze generatie of een generatie die na jou komt. Als je je daar een beetje meer bewust van bent dan bedien je de wereld om je heen zoveel meer. En dat heeft niets met rang, stand of positie in de maatschappij te maken. Doe dat wat je te doen staat op de meest optimale plek. Jouw oogst gaat daarmee altijd door. 

Herinneringen blijven. Die acties die je in je leven hebt ondernomen, het maakt niet uit of die in jouw beleving groot of klein zijn geweest, laten herinneringen achter. Goede voorbeelden of ideëen krijgen automatisch opvolging. Jouw aandeel werkt daarin door. Je hebt niet en nooit 'voor niets' geleefd. Herinneringen zijn en blijven de lichtpuntjes die aan anderen kracht en inspiratie geven om op hun wijze verder te leven. En daarin kun je zelf nog een extra rol vervullen. Er is immers niets dat voorgoed verdwijnt als jij de herinnering bewaart. 

Als je kinderen hebt dan komen die voor 50% uit jou voort. 
Ooit eens bewust bij stil gestaan dat je voor 50% uit je vader en voor 50% uit je moeder voort komt? Of je dat nu leuk vindt of niet. En jouw vader en moeder komen weer voor 50% voort uit hun vader en moeder, en zo voort. Je (voor)ouders leven dus in en met jou door zoals ook jij in je kinderen, als je die hebt of krijgt, door gaat. 

Iemand uit mijn neven en nichten kring is eens achter onze familie stamboom aan gegaan. Een onderzoek in de zogenaamde Genealogie. Verbazingwekkend om te zien hoe voortleven tot nu toe al wendingen heeft gekend en waar de familie in de wereld allemaal zijn wortels al heeft liggen. Het is niet alleen leuk om te zien waar je vandaan komt maar geeft ook erfelijke invloeden aan die wellicht ook nog steeds in jou al dan niet latent aanwezig zijn. Geweldig om te ontdekken en vanuit die ontdekkingen te gaan uitproberen en te ervaren. Hoe gemakkelijk kan het zijn? 

Als aanvulling de levensfilosofie en/of religie/geloof.
De levensfilosofie, Boeddhisme, leert dat je je fysieke lichaam kunt zien als de tijdelijke tempel waarin je ziel verblijft. Wat die ziel wil is groeien en dat op de wereld brengen (levens - of ziele missie) wat die ziel te doen heeft. Een ander woord voor dood is ontzield. De ziel is dus weer vrij van het fysieke lichaam en krijgt de gelegenheid - om na een periode van rust, balans opbouwen en groeien in wijsheid - weer een stap verder in ontwikkeling te maken. Het boeddhisme noemt het geen reïncarnatie maar een opnieuw Zijn. Doorstarten. En alles wat je aan wijsheid al geleerd hebt (overigens niet uit leerboeken) neem je dus mee.

Vanuit diverse religies wordt ook een voortleven van de ziel of verrijzenis voor gesteld. Er is sprake van een heen gaan. En dat is duidelijk een beweging van het zoals zo mooi gezegd wordt 'aardse' naar een ik noem het maar een 'spirituele' plek. Een voort-leven.
Je kunt immers nog steeds - in stilte, in gedachte verbonden en met je ogen dicht - het gesprek aan gaan met dierbaren en meesters uit je leven die niet meer fysiek op deze aarde aanwezig zijn.

Als je gelovig bent dan kun je je afvragen hoe het mogelijk zou zijn dat als God je op deze wereld met een reden uit liefde heeft neer gezet, hij in de eeuwigheid zonder jou verder zou kunnen gaan. Er is meer tussen hemel en aarde...

Doe de dingen die je vanuit jouw uniekheid in je leven te doen hebt. Meer wordt niet gevraagd. Wees je er van bewust dat dit niet alleen een blijvende bijdrage aan jezelf maar ook aan de wereld om je heen oplevert. Daarmee sterf je nooit. 

Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 22 januari 2016

Als het kleine jongetje of het kleine meisje blij is... Meer geluk!

“Als het jongetje in de man blij is, is de man blij.”
“Als het meisje in de vrouw blij is, is de vrouw blij.”

Zomaar een opmerking die een CEO van een internationale organisatie in Hong Kong maakte tijdens een van de hikes die ik hier begeleid.

Als we opgroeien dan beginnen we ons ‘te gedragen. We passen onszelf in relatie tot anderen om ons heen aan volgens de zogenaamde ‘geaccepteerde waarden en normen’ van de groep. We verliezen - en verlangen eigenlijk ook steeds meer terug naar – onze jeugd.
Je jeugd. De tijd van speels ontdekken, avontuur beleven, grenzen overschrijden, spelen (soms de clown uithangen), het leven proeven, op een nieuwsgierige manier verbinden. Je bent nog niet te veel afgeleid om je aan te passen aan cultuur, soms religie of je omgeving.  

Omdat we met ons hoofd tegen de muur hebben gelopen of omdat zaken in onze omringende maatschappij niet acceptabel zijn, leren we onszelf in onze vroege jeugd hoe we met een aantal primaire levens kwesties om moeten gaan; Hoe blijf ik veilig en hoe overleef ik?
Zonder onszelf er van bewust te zijn, omringen we ons met allerhande beschermingslagen of stoppen we onszelf in sommige situaties zelfs in een harnas. Zonder het te weten beknotten en beperken we het kind in onszelf en horen we dat kind in onszelf ook niet meer.

Hoe ouder we worden kan er een periode aanbreken dat we er steeds meer naar verlangen om weer eens aandacht te geven aan de roep van dat jongetje of dat meisje in onszelf. Zo’n periode kan bijvoorbeeld zijn wanneer je zelf kinderen krijgt. Door hen staan we onszelf af en toe ook weer eens toe om kind te zijn. Wees je er eens bewust van wat het, meestal, brengt. We veranderen onze stem, gaan weer op de vloer zitten, spelen en verbinden. Grote glimlachen, veel speelse energie, echte verbinding, leven (weer leven voor een korte tijd?). Zodra we ‘buiten’ komen passen we ons weer als ‘volwassene’ aan. Hoe vreemd kan het zijn?

Er is niets mis met steeds vaker te luisteren naar dat jongetje of meisje in je en die roep te volgen. Luister er naar. Je weet als geen ander hoe je op jouw manier weer invulling kunt geven aan die roep. Volg die stem. Wees speels, lach, glimlach, ontdek. Jij wordt er blijer van en die energie heft ook een super positieve invloed op je omgeving.
Neem de dingen in de wereld om je heen eens iets minder serieus. JIJ bent het immers zelf die jouw wereld maakt.

Luister naar dat jongetje of meisje in jezelf en maak ze blij.



Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 15 januari 2016

Je leven als een boom…

In de tuin van een van mijn buren staat een enorme boom. Diverse mensen die hier al bij mij zijn geweest herkennen die boom vast. In de avond, zoals je op de foto kunt zien, zetten de buren hem vaak in het licht. Dagelijks loop ik er aan voorbij en zeer regelmatig sta ik even stil. Steeds is er weer iets aan die boom te ontdekken. Een mooi woord overigens dat ‘ont-dekken’. Er wordt iets zichtbaar voor je dat er al lang is maar dat je nog niet eerder zag. En dat gewoon door even stil te staan.

Als ik met gasten aan de slag ga met talenten dan maken ze met hun talenten ook bij mij hun levensboom. Alle plekken in de boom stellen iets voor. De boom werkt als een archetype met onderliggend de Kabbala[1]. Zo krijg je informatie over bijvoorbeeld je groei punt, je basis aarding, je connectie met de buitenwereld, de connecties met jezelf, met passie en compassie en met dat wat je hier te doen hebt.

De boom van de buren geeft het eigenlijk ook allemaal aan. Het is een robuuste en speelse boom. Soms, na een storm of stortbui, vallen er takken uit naar beneden. Ze breken gewoon af omdat ze de last niet meer kunnen dragen. Bladeren vallen af in de droge koude periode (zie het als herfst) en de nieuwe stuip tot groei en bloei is er in het voorjaar. En ja, alles bij elkaar heet het LEVEN. Die boom is een spiegel van hoe leven is en hoe het bedoeld is. Je kunt er uren over filosoferen. 

De boom zelf doet er ook eigenlijk niets bewust aan om mooi of aantrekkelijk te zijn. Hij is er gewoon. En sommige mensen, en deze boom vooral kinderen, spreekt hij aan. Anderen zien hem niet eens. Ze zijn te druk met andere zaken. Voor de boom geen enkel punt.

Een boom, spiegel van hoe leven bedoeld is. Zijn wie je bent en je verder niet storen aan wat anderen daar van vinden. Sommige mensen trek je aan. Ze staan stil en willen zich oprecht met je verbinden. Anderen niet. Wat maakt het uit? Leven als een boom...


Frans Captijn
www.captijninsight.com




[1] Kabbala is een Hebreeuws woord dat 'ontvangst' of 'openbaring' betekent. Het staat voor een Joods religieus filosofisch systeem dat beweert inzicht te geven in de goddelijke natuur en levensweg. 

vrijdag 8 januari 2016

Reorganisaties zijn onnatuurlijk. Ze verstoren en maken ziek.

Jarenlang heb ik binnen de overheid gewerkt. We gingen van reorganisatie naar reorganisatie. In het bedrijfsleven is het meestal niet anders. Medewerkers werden er vaak ziek van. Rust in de organisatie was er eigenlijk nooit en we gebruikten veel van onze capaciteit om de periodiek terug kerende processen in de juiste banen te leiden. Het ging ten koste van de kwaliteit van het werk dat we moesten leveren omdat de personeelssterkte juist daarop - en in de meeste gevallen eigenlijk al erg krap - was gebaseerd. Derhalve een extra aanslag op de werkdruk van de organisatie met een grotere kans op fouten. 

Regelmatig waren er specialisten – externen - bij nodig die tijdelijk even hun ding deden maar in veel gevallen niet echt de verbinding konden krijgen of bezieling konden inbrengen. Overleg met ondernemingsraden en vakbonden nam toe. Mensen in de organisatie voelden zich onzeker en veel gesprekken gingen keer op keer over die wederom onzekere toekomst. De soms lachwekkende of trieste vertoning van het spel van functiebenamingen en functie waardering diende zich keer op keer aan. (Her)plaatsings processen volgden en uiteindelijk bezwarenprocedures en soms zelfs hele juridische trajecten braken aan. Kortom, het verstoorde aardig dat waar we eigenlijk voor op aarde waren in ons werk.

Nu ik al weer een tijdje uit deze wereld weg ben, en er - vanuit de verhalen die ik van gasten hoor - eigenlijk nog steeds midden in zit, heb ik er een andere kijk op gekregen. En die kijk wil ik graag in mijn weekblog eens delen.

Regelmatig stond ik voor onze medewerkers op de barricaden omdat ook ik graag en eindelijk eens rust in de organisatie wilde. Rust om te doen waar we vooral goed in waren. Vanuit passie en bezieling dat leveren waarvoor we ooit in die organisatie met onze talenten waren gekomen, die we wilden delen, waarmee we wilden groeien en waar we voor waren aangenomen. Nu, met de ervaringen die ik inmiddels hier steeds meer op mag doen, ben ik eigenlijk fout bezig geweest.

Als je niet wilt veranderen dan laat je groei en ontwikkeling niet toe. En dat proces van niet willen veranderen, oude zaken soms los moeten laten en nieuwe toelaten, is feitelijk een verzet tegen willen groeien, anticiperen en aanpassen.

Niet willen groeien (en of dat nu in de breedte, de lengte, de hoogte of de diepte is maakt even niet uit) is een verzet tegen je bestaan. Niet veranderen is dan ook de dood in de pot. En om dan toch aan die veranderingen toe te geven hebben we ons omgeven met zoveel regels gebaseerd op ‘zekerheden’ (die zo onzeker zijn als wat) dat we onze groei zo veel mogelijk verstoren en tenminste zo veel mogelijk uitstellen of tegen gaan. 

Heb ik dat ooit met mijn eigen kinderen gedaan denk ik nu? Als ouders wil je toch niets anders dan dat ze uit zich laten komen wat er in zit. Zo’n proces begeleid je en je gaat je kinderen dus niet keer op keer laten reorganiseren. Je laat het voortdurende proces van groei toe houdt het een beetje in de gaten en probeert de omstandigheden te zoeken of te creëren om het zo goed en zo vrij als mogelijk (en slechts vanuit jouw gezichtspunt, cultuur, achtergrond en intentie) te laten gebeuren. En als ouders, overigens net als de kinderen zelf, hou je de ontwikkelingen om je heen in de gaten om je tijdig aan te passen. Hoe makkelijk kan het zijn.

Als je bij een organisatie solliciteert, doe je dat vanuit de essentie om er jouw talenten te kunnen delen, daaraan te letterlijk en figuurlijk te verdienen en te kunnen groeien. Eigenlijk speelt jouw onderwaterprofiel van groei veel meer een rol dan het functieprofiel dat wordt aangeboden. Het gaat om passie, verbinding, delen, groeien. Kortom, je lekker in je vel voelen zitten door zinvol bezig te zijn. En ook hier geldt altijd een tijd van komen en van gaan. 

Als de groei er voor jou uit is dan helpt het niet om te gaan klagen. Het ligt niet aan de ander of de organisatie dat je niet verder kunt groeien. Jij zit niet meer op het juiste plekje. Dat betekent schuiven in de organisatie (wat lang niet altijd betekent dat dat een financiële verbetering zou moeten zijn) of de organisatie als visitekaartje verlaten.
Visitekaartje omdat je blij mag zijn wat je hebt kunnen leren (je groei), het kunnen dienen (delen van je talenten) en de organisatie voor die tijd blij kan zijn met de inzet die je geleverd hebt.

Hoe vaak komt het niet op een klaagzang aan om niet de verandering aan te gaan? Je maakt jezelf ziek. Met je verhalen en negatievere energie besmet je je omgeving. Je vertraagt het proces van productie, de effectiviteit en uiteindelijk de kwaliteit.
Tijd dus om ruimte te maken voor jezelf en voor de anderen. Helemaal niets mis mee. Daar waar jij deuren sluit gaan nieuwe deuren (voor zowel jezelf als voor anderen) open en… je kunt weer verder groeien en ontdekken.

En wat een organisatie aan gaat. Die bestaat altijd uit leiding en medewerkers. Samen het menselijk kapitaal dat vorm geeft aan het unieke product waar kennelijk op gewacht wordt (anders kan een organisatie immers niet bestaan omdat het geen enkele waarde heeft). 
Het is de taak van dat hele menselijke kapitaal om zicht te houden op de ontwikkelingen van de markt. En daar zitten medewerkers vaak veel dieper als bezielende wortels in. Het inspelen op die ontwikkelingen heet anticiperen. 
En net als bij het besturen van een auto doe je dat voortdurend. Je kijkt niet even en rijdt dan een stuk. Gaat dan weer eens kijken en rijdt dan weer een stuk. Het is een voortdurend veranderingsproces, gedreven vanuit met de benen in de klei (bezielende verbinding met de klant om te weten wat er nodig is). Dat maakt werk een zinvolle bijdrage.
In onze wereld is marketing uitgevonden om mensen regelmatig te laten geloven wat ze nodig hebben in plaats van om te vragen wat er echt nodig is. Hoe zinvol kunnen we bezig zijn. Maar dat even tussen door.
De leiding is er, net als de ouders bij kinderen, voor om dat proces continue te sturen en te begeleiden.

Ook een organisatie heeft een onderwaterprofiel. Het spel dat intern en achter de schermen gespeeld wordt om de missie te volbrengen. Nog steeds begrijp ik niet waarom diverse zaken juist achter de schermen plaats vinden. Misschien komen juist daar alle regeltjes wel vandaan die aan de veranderprocessen gekoppeld zijn omdat het vertrouwen ontbreekt. Een kwalijke zaak. De missie van een organisatie heeft altijd te maken met het er met een specifiek product of dienst te kunnen zijn om te dienen (en ja natuurlijk ook om er in het bedrijfsleven winst mee te maken).

Groei gaat in de natuur in een vloeiende beweging en niet met horten en stoten. De natuur kent geen reorganisaties maar de voortdurende doorgaande beweging van opkomen, blinken en verzinken om over te gaan in het volgende proces van opkomen, blinken en verzinken, enz..
Terug kijkend zie je de groei.

Open staan voor voortdurende verandering door gewoon samen te anticiperen, leiding de leiding te gunnen en samen bezield een product te leveren is waar het in mijn ogen om zou moeten draaien. En jawel, ook bladen vallen van bomen en takken breken soms af. De vruchten zijn niet alleen het product maar ook mensen die genoeg geleerd hebben om elders weer door te gaan. Ze geven ruimte voor nieuwe vruchten om te ontstaan. Dat heet toch geen reorganisatie? Dat is de schoonheid van voortdurende groei.

Ieder voor zich - en gezamenlijk - de verantwoording nemen om bezielend met het vak bezig te blijven in plaats van je steeds weer te laten verstoren door die dingen waar de organisatie eigenlijk niet voor bedoeld was.
Het levert een betere betrokkenheid, een mooier product, flow en blijere gezichten.


Frans Captijn
www.captijninsight.com

vrijdag 1 januari 2016

Leegte, daar zit wat in.

Begin het nieuwe jaar eens leeg.

Toen mijn kinderen nog erg jong waren speelden we vaak samen buiten in de tuin, in de natuur of tijdens vakanties op de camping. Ik herinner me nog hoe we als spel ‘Poelie’, de kat van mijn dochter, vingen. We hadden een lege kartonnen doos. Aan een kant stond die doos dan omhoog en steunde op een takje waaraan we een dun touwtje hadden vastgemaakt. Als we dan wat kattenvoer onder de doos zette, kwam Poelie aangelopen en als hij onder het ‘dak’, de lege doos, zat trok een van de kids aan het touwtje en viel de doos over de kat heen. Voor even maar want hij was snel en lenig genoeg om met een sprong de doos weer van hem af te krijgen. Leuk om te zien en doen. De kat genoot van de aandacht en van het steeds weer de vrijheid tegemoet springen.

Gewoon met een lege doos spelen. Het idee verbindt me met het mooie dat we leegte noemen. Leegte is een geweldige bron voor creativiteit. Leegte betekent absoluut niet niets hebben.

Denk hier eens over na;
Omdat trommels, klokken, etc. leeg zijn van binnen brengen ze hun unieke geluid voort als we ze aanslaan.
Omdat gitaren, violen, etn. Leeg zijn van binnen brengen ze hun unieke geluid voort als we de snaren beroeren.
Omdat trompetten, horens, fluiten, etc., van binnen leeg zijn brengen ze hun unieke klanken als we er in blazen.
Omdat een spiegel leeg is, spiegelt hij.

Niets wordt toegevoegd en niets wordt weg gelaten. De beoordeling of veroordeling komt uitsluitend en alleen door onszelf of door het publiek dat luistert of kijkt.

En als ik dan denk aan die lege doos, zoals hierboven, dan denk ik aan ‘out of the box’. Out of the box denken is de basis van creativiteit. En waarom dat dan juist buiten die doos moet? Omdat onze ‘doos van gedachten en ervaringen’ meer dan stampend vol is. Er is geen ruimte, geen leegte meer over.

Wikipedia: “Creativiteit is een vermogen om iets nieuws te scheppen. Een individu of een groep toont creativiteit wanneer een nieuw concept of object wordt gemaakt, of wanneer een originele oplossing voor een probleem wordt gevonden.

Leegte kun je zien als de wieg van creativiteit. Leegte is een bron.
Leegte kun je gaan ervaren door te stoppen met het zoeken naar dingen buiten je en je te richten op de stilte waarin je dingen in jezelf kunt ontdekken. Stilte is niet het ontbreken van iets maar de leegte ervaren om je bewust te kunnen zijn van alles dat er is.

Je hoeft je leegte maar te vinden en aan te raken om de uniekheid in je eigen creativiteit in jezelf te kunnen ontdekken.

Leegte... daar zit wat in!


Frans Captijn
www.captijninsight.com