vrijdag 4 augustus 2023

Ruim je rotzooi op!

"Een kind moet spelen, maar ruim in vredesnaam je rotzooi op!" Een uitspraak van mijn vader die nog steeds regelmatig in mijn hoofd nagalmt. 

Een paar weken geleden heb ik 6 kuub zand laten komen. Inmiddels is, door de regen, voor zwaar transport onze weg* niet meer begaanbaar. Omdat ik dat zand over een paar maanden om beton te maken nodig heb vond ik het veiliger om het maar alvast te laten leveren. Vorig jaar ging het immers fout en zakte de truck tot zijn assen in ons land. 

Mijn vriendin zegt nu, met een glimlach op haar gezicht, dat ik het zand besteld heb voor het plezier van onze drie honden. Kadhow, Cupid en Singto graven in de zandhoop dagelijks aardig wat af richting het andere eind van de wereld zo lijkt soms wel. En Kadhow zijn "oer", mogelijk afgekeken van de stripfiguur Rakker uit de Donald Duck, komt steeds boven als hij zijn kluiven in de berg zand begraaft. De andere twee houden dat in de gaten en plegen als Kadhow vertrokken is binnen de kortste keren 'grafschennis' en gaan er uit het zicht met de buit vandoor. Leuk om naar dat schouwspel te kijken. 

De hoogte van de zandberg wordt minder en de omtrek groter en groter. En daar kwam dat zinnentje van mijn vader dus weer door mijn hoofd. Ruim je speelgoed of ruim je rotzooi op. Maar... no way met deze honden. En dat geldt niet alleen voor het zand maar ook voor alle speelgoed dat we hier overal tegen komen. Je breekt er soms haast je nek over. 

Mijn vader had en heeft gelijk. Ik geloof dat hij hier in Thailand helemaal door zou draaien. "Opruimen" is iets dat volgens mij in deze cultuur ontbreekt en ook niet in het Thaise woordenboek is opgenomen. Mensen voelen zich er kennelijk heerlijk bij om omgeven door zooi te leven. De natuur, waarin veel lukraak wordt weggegooid, krepeert volgens mij meer en meer onder de last. Het is niet anders en ook onderwijs brengt er geen verandering in zo zie ik inmiddels al meer dan elf jaar. 

Waarom de uitdrukking van mijn pa nog steeds door mijn hoofd galmt had alles te maken met hoe ik me vroeger gedroeg. Ik leefde regelmatig in en op een soort van puinhoop. In mijn kamer en om me heen. Het was ook een afspiegeling van hoe ik leefde en studeerde. Aardig chaotisch en ook slordig. Vooral gedreven door plezier maken en dingen verzinnen en doen die net weer wat afweken van hoe anderen dat meestal deden. Een soort afkeer van saaie gebaande paden en hang naar zelfontdekking. 

En eerlijk is eerlijk, ik had het er laatst nog met mijn zoon over (die overigens ook nog steeds in deze leerfase zit ;)). Ondanks de chaos en troep, wist ik altijd alles perfect te vinden. Als anderen, meestal mijn moeder, het voor me opgeruimd hadden dan voelde ik me vleugellam omdat ik alles kwijt was.  

Inmiddels kan ik niet meer tegen rotzooi om me heen. Let wel, wel binnen normale grenzen. Ik ken gelukkig geen smetvrees. Met honden en met onze bouw zou dat ook helemaal niet lukken. 
Ik denk dat mijn werk in de horeca en zeker ook bij de brandweer en in de veiligheid, me geleerd hebben dat opruimen zorgt dat je sneller en met minder fouten werkt en beter kunt organiseren en improviseren als het nodig is. Niet overal zooi. En nee, je hoeft er zoals gezegd niet in door te slaan maar het geeft je wel overzicht en het is inderdaad nog stukken veiliger ook. 

Kinderen moeten spelen. En dat spelen vroeger was niet een spelletje spelen op de computer of op je mobiel. Het was zoals onze honden eigenlijk nu doen. De wereld en je eigen grenzen ontdekken. En rotzooi hoort daar, zeker als je jong bent, vaak ook een beetje bij. Rotzooi die, ik zie het hier om me heen, voor veel jeugd inmiddels bestaat uit leeg gegeten zakken snacks of fast food om hen heen. Nieuwe generatie zooi zou je kunnen zeggen. 

Opruimen moet je, soms met tegenzin, leren en nadien pluk je zeker weten de vruchten die je echter in dat leerproces helemaal niet ziet. 

Of het ooit met die honden van ons wat wordt? Phatsamon probeert de jongste (Singto) nu af en toe bij de schoonmaak te laten helpen. Ik heb er een hard hoofd in. Maar goed. Ze hebben ook geen mobiel en ze moeten dus iets... ;).


*): Tussen twee haakjes; er gloort een sprankeltje hoop want mogelijk krijgen we van de gemeente dit jaar eindelijk een betere weg. Fingers crossed.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 28 juli 2023

Een nieuwe burgemeester

Twee weken geleden hadden we hier in ons dorp verkiezingen voor een nieuwe dorps-burgemeester (Pujabaan). De huidige burgemeester stopt er met 60 jaar mee. 
Hoewel ik in ons dorp van ca. 300 zielen woon en ben ingeschreven mag ik als buitenlander niet stemmen. Geen probleem voor mij. Phatsamon ging natuurlijk wel. Er waren vier gegadigden/lijsten. 

In de weken voorafgaande aan de verkiezingen gingen de kandidaten bij veel huizen langs om te vragen om op ze te stemmen. Wij wonen verhoudingsgewijze wat ver van het dorp en er kwam dan ook maar één van de vier bij ons op bezoek waar we een fijn gesprek mee hadden. "Graag eerlijkheid en geen 'steekpenningen' gaf ik aan. Maar wie ben ik hier?m ;)

Ik vind het systeem zoals dat hier is met zo'n dorpsburgemeester echt een prima idee. 
Deze mensen zijn benaderbaar, weten wat er in de dorpsgemeenschap speelt en hebben snelle ingangen bij de gemeente om zaken, als die nodig zijn, geregeld te krijgen. Ze houden een oogje in het zeil en zijn natuurlijk ook present bij de meeste feesten, partijen en crematies.
Ze verzorgen het nieuws en de informatievoorziening over wat er in of rond het dorp en in de gemeente gebeurt. Een paar keer per week wordt dat in alle vroegte ook omgeroepen. 

Het is echt geweldig dat iedere buurt zijn eigen omroepsysteem met luidsprekers heeft waaruit de Pujabaan zijn of haar informatie verspreidt. Iedereen hoort op hetzelfde moment het zelfde verhaal. Dat scheelt, zeker in het begin, een hoop communicatie stoornis en zeker ook geroddel van: "Heb je het al gehoord...?". Natuurlijk heb je, de zelfde boodschap, al gehoord. Geen geheimzinnigheid aan.   

En die Pujabaan is ook een mediator bij problemen die er in het dorp of bijvoorbeeld tussen buren kunnen ontstaan. Beter gelijk in de kiem smoren. 

De Pujabaan is er welliswaar één van onze groep dorpelingen en heeft toch op een prettige manier een beetje gezag. 

De nieuwe man, Khun Somchai, bij ons is eigenaar van de dorpswinkel en natuurlijk scheelt dat ook weer omdat zo'n winkel vaak het middelpunt van verhalen en nieuwtjes in het dorp is. Dat scheelt weer werk denk ik. 

Kortom, fijn dat iemand dit weer oppakt en er veel tijd in steekt. En ja, er staat van de gemeente een kleine vergoeding tegenover maar dat mag ook best. 

Welkom nieuwe burgemeester Somchai en veel succes. 


Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 21 juli 2023

Nog steeds hulpverlener in hart en nieren

Afgelopen woensdag morgen was het voor de zoveelste keer weer zover. 
Mijn dochter schreef me via Whatsapp: "Misschien ook wel een reden waarom je nu in Thailand woont."

Wat het is, is het, maar in de elf jaar dat ik hier nu woon ben ik al zo vaak als eerste getuige geweest van ongelukken die hier gebeuren. 

De brandweer rukt hier niet of nauwelijks uit. Ik heb er al eens eerder over geblogd. Thailand is een land dat, zeker in de steden, altijd 'wakker' is. Reden dat mensen over het algemeen heel snel een begin van brand opmerken. Oplettendheid, zoals het ooit bestaande Nederlandse 'Brandpreventje' het in de toenmalige campagnes opmerkte. 

Ik was zo'n twintig jaar geleden uitgenodigd om deel uit te maken van een europese delegatie voor een onderzoek naar 'sustainable health and safety' in de regio's Nonthaburi en Pak Kret in Thailand. We bezochten ook de brandweer in Bangkok. Het is allemaal anders georganiseerd en, hoewel ze hier over van alles en nog wat aan technische middelen en moderne voertuigen beschikken en vanzelfsprekend ook 24 uur paraat zijn, komen ze er maar weinig uit. Brandjes worden over het algemeen in de kiem door mensen zelf of door hun buren gesmoord. 

Anders dan bij verkeersongevallen natuurlijk. Die zijn er, of niet. En de meeste verkeersongelukken gebeuren hier met scooters. 
Tot op de dag van vandaag zijn de Thai bang voor allerhande ziektes. Ze dragen (nog steeds) een masker op de scooter. De helm blijft meestal, door de hoge temperaturen en het ongemak, buiten schot. En een scooter of brommer is hier een motorvoertuig. De dingen halen met gemak 90 tot 100 km/uur en zijn dus ook op de snelwegen hier. Het wemelt er van, kun je wel zeggen. 

Rijden op de wegen hier is echt totaal anders dan in Nederland. Je hebt er ogen en oren in je hele lijf voor nodig en dan nog wordt je regelmatig 'overvallen' door de meest vreemde capriolen die pardoes worden uitgehaald. En dat geldt niet alleen voor motoren, brommers of scooters. Ook auto's kunnen er wat van. Spookrijders tegenkomen is hier eigenlijk gewoon een gegeven. Met of zonder verlichting zowel overdag als in de nacht. Ik kijk er meestal niet echt meer van op. 

Eerlijk is eerlijk, ook mijn eigen rijgedrag is hier door de jaren heen aardig veranderd. Ik denk dat ik in Nederland, op zijn minst, snel een bekeuring zou oplopen. 

Terug naar dat verkeer. Door het rijgedrag en ook door de kwaliteit van de wegen hier, waar overigens in heel Thailand stevig aan wordt gewerkt om te verbeteren, heel veel ongelukken. En door wat voor reden dan ook ben ik er heel vaak als een van de eersten bij. 

En ja, dan steekt die passie van brandweerman en hulpverlener toch direct de kop weer op. Werk aan  de winkel om er nog het beste van te proberen te maken. Laten alarmeren, de ongevalsplek organiseren, eerste hulp voor zover mogelijk en stabilisatie. En, hoe gek het ook klinkt, opdrachten uitdelen. De meeste mensen rijden door en omstanders die er vaak snel zijn, staan te kijken en weten niet wat ze kunnen doen. Hoe vervelend de situatie ook, ik vind het fijn om te doen. Phatsamon denkt er soms anders over als ze er weer eens bij is maar is achteraf toch altijd weer trots.

Zo ook dus weer afgelopen woensdag. De werkplek veilig stellen voor verkeer. Twee ambulances laten bestellen. Eerste zorg voor drie slachtoffers, stabiele zijligging, begin van de reanimatie procedure (bleek achteraf gelukkig niet nodig omdat de man na de pijnprikkel al zelf terug kwam), water, kussentjes en paraplu's regelen om schaduw voor de gewonden die op het asfalt lagen. Info en prioritering doorgeven voor de naderende ambulances en andere omstanders vragen om hulp. En nadat de Thaise hulpverleners er waren info overdragen en weer vertrekken. 

Misschien gek gezegd, het geeft me altijd weer een goed gevoel. Dat voormalige werk van me was (en is) nog steeds een passie. Fijn om dat af en toe nog eens te beleven en er hier wat mee te kunnen doen.   



Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 14 juli 2023

Dat vind je nog hier: 1,60 Euro voor 18 verse rozen. En een top idee... dat we gaan navolgen.

Ik schreef al eerder dat we tijdens ons regelmatige bezoek aan Chiang Mai eigenlijk altijd best druk zijn. Dit jaar zijn we, door de problemen met mijn rug, niet eens toegekomen om iedereen die we wilden bezoeken te zien. We hopen dat over een aantal maanden ook weer goed te maken. 

Op vrijdagavond 23 juni jl., waren we uitgenodigd voor een Zwitserse Kaasfondue party. En natuurlijk ga je daar niet met lege handen naar toe. We kochten een goeie fles wijn en op onze vrijdagmarkt liepen we die middag tegen super verse rozen met lange stelen aan. 
Het zijn de Hilltribes (bergvolk hier) die de rozen hoog in de bergen telen, in de ochtend 'oogsten' en ze op de markt bij ons in de middag verkopen. Een grote bos van 18 stuks, met elke bloem in een speciaal netje verpakt, voor 60 THB (omgerekend 1,60 Euro). We konden er bij de gastvrouw twee vazen mee vullen. Niet voor te stellen voor deze kwaliteit als ik de prijzen van boeketten in Nederland op internet soms voorbij zie schieten. Hier is het de normale prijs. 

Die Nederlands/Zwitserse gastvrouw weet wat gastvrijheid is en ze heeft er een geweldig leuke formule voor ontwikkeld. 

Een keer in de ongeveer twee maanden organiseert ze bij haar thuis een etentje voor een wisselende groep mensen. Eerst wat nader kennis maken bij een fijn aperitief en daarna met de club op haar buiten terras aan tafel. 
We zijn al vaak en met veel plezier van de partij geweest. Ze doet alle voorbereidingen zelf en op de avond van het etentje heeft ze een aantal dames die voor de gasten en het uitserveren van het diner zorgen. Zij is dan vrij voor het contact met haar gasten.

Het leuke aan haar formule, vinden wij, is dat ze er iedere keer weer in slaagt om steeds andere mensen aan tafel te krijgen. Mensen die zij kent maar die elkaar meestal niet of maar beperkt kennen. En zo kom je dus steeds nieuwe mensen bij haar tegen en wisselen de gesprekken zich ook over steeds andere onderwerpen tijdens het diner af. 

Dit keer organiseerde ze dus een fantastische kaasfondue met voor ons tien onbekenden. Allemaal een andere achtergrond, andere levensverhalen, ervaringen en ook met verschillende nationaliteiten en dus culturen. Geweldig om verhalen te horen en soms ook andere opvattingen uit te wisselen. Interesse te geven en te krijgen, respect te tonen, en vrij te zijn in dat wat je deelt. Je voelt je oprecht uitgenodigd om verhalen te delen. Wederom een enorm fijne avond en... w
e kennen ze nu een beetje beter.  

We hebben besloten om dit idee, zodra ons huis in Surin klaar is, over te gaan nemen. Face-to-face communicatie met goeie gesprekken, een heerlijk diner en een goed glas met dat wat je maar wilt. En... geen enkele verstorende mobiel op tafel. 

Hoe eenvoudig kan gezelligheid en contact met anderen niet zijn?


Frans Captijn (Gangey Gruma) 








vrijdag 7 juli 2023

Onze nieuwe koers in Tambun. Bezoek aan een hondenopvang dit keer.

In mijn blog van 16 juni jl. vertelde ik al over mijn, wederom, negatieve ervaring met Tambun (de verdienste van geven vanuit het Boeddhisme). Het is bij de mensen hier met de paplepel ingegeven en via de dorpsluidsprekers die hier overal in de dorpen en steden hangen om mensen op de hoogte te houden van activiteiten en dorpsnieuws, wordt er regelmatig ook toe opgeroepen. 
De idee is dat je zoveel mogelijk moet geven om een beter volgend leven te krijgen. Met het geven aan tempels en monniken schijn je de meeste 'punten' daarvoor te vergaren. Geven aan andere dingen levert naar ik heb horen zeggen minder voor je 'toekomst' op. 

Dat hele Tambun is een aardig goeie business heb ik het idee. 
Een Duitse vriend van ons vertelde me dat in het dorp waar zijn vrouw gewoond heeft, de hoogte van de donaties met de namen van de gevers via de dorpsluidsprekers worden omgeroepen. 
Kijk, dat werkt. Ook al heb je niet veel om weg te geven, je wil ook geen gezichtsverlies leiden (en al zeker niet in de cultuur hier). Je doet dus maar mee en geeft dus ook. 
 
Onze ervaring van het tempel Tambun evenement op zaterdag 10 juni in Chiang Mai was voor ons de druppel. Niet om regelmatig wat weg te geven maar wel om de richting van giften aanzienlijk bij te stellen. Tempelgebouwen, Boeddha beelden, crematoria en 'sober' levende monniken met vette bankrekeningen (waarover de media helaas meer en meer publiceert) die zich hoog boven anderen verheven voelen, zijn er in onze ogen voldoende. Sponsors, met name ouderen en zakenlui, die aan deze 'doelen' blijven geven zijn er ook nog steeds te over. Reden genoeg om onze 'tambun koers' te verleggen zowel voor wat betreft de doelen als voor wat betreft het geven van geld.  

Op zestien juni vertelde ik al dat we die verdienste van geven alleen nog rechtstreeks doen aan mensen, dieren en situaties in onze omgeving die dat in onze ogen echt nodig hebben. En dan als uitgangspunt in natura en niet meer met geld. Er zijn veel schrijnende situaties die een steuntje in de rug goed kunnen gebruiken en er ook nog eens super blij mee zijn. Dat voelt anders dan dat een gift met de (on)nodige arrogantie in ontvangst wordt genomen. 
De hele wereld kunnen we, hoe schokkend de situaties en beelden die goede doelen organisaties met een verzoek om donaties ook vaak zijn, niet helpen. 
Hier op deze plek zijn we niet voor niets terecht gekomen denken we en hier kunnen we rechtstreeks een helpende hand bieden. 

Tambun, dit keer hondenvoer, dus aan een hondenopvang waarover ik eerder al sprak. Ons bezoek moest een weekje worden uitgesteld tot zaterdagmiddag 24 juni jl. We hadden 40 kg hondenvoer bij onze dierenarts hier gekocht en die gaf er gratis voor ons goeie doel nog twee pakken met kluiven bij. 

Toen we er naar toe gingen was het letterlijk hondenweer. Bakken en bakken regen en we waren vooraf gewaarschuwd oude kleren aan te trekken. Dat bleek een goed advies. 

We troffen een jonge vrouw aan die werkelijk vanuit passie haar leven heeft ingezet om straathonden te helpen en met name om ze te laten castreren en steriliseren. Tempels barsten van de honden en ook op straat in Thailand kun je ze niet missen. De opvang zelf was eigenlijk niet de inzet maar er was geen andere keuze. Thuis hield ze er maar liefst dertig honden. In de opvang die wij bezochten waren er ongeveer twintig en alles bij elkaar (met tempels erbij) draagt ze inmiddels de dagelijkse zorg voor meer dan honderd honden. Slechts enkelen worden er geaddopteerd en dat geeft soms wat verlichting. 

Te triest om te horen dat mensen en ook tempels niet of nauwelijks iets over hebben voor honden. Als ze er komt wordt er zelfs soms om een donatie voor de tempel gevraagd. En de monnik die vertelde helaas geen geld te hebben om te helpen, verscheen hier pas geleden in de krant omdat hij door de politie was opgepakt met miljoenen Thaise Baht op zijn bankrekening. Te triest en het moet niet gekker worden. 
De vrouw, samen met maar een paar mensen die soms wat bijspringen, zorgt voor al die honden door het aanbieden van hondenvoer, medicatie, sterilisatie, castratie en het in uiterste noodzaak bieden van onderdak. En dat naast haar fulltime baan. 

Over passie gesproken. Ze kende de namen van alle honden en wist van iedere hond veel achtergrond te vertellen. Dat voer van ons kwam direct heel goed terecht. 

We zijn er een uurtje gebleven en werden, toen we weer vertrokken, vanaf een soort van uitkijktoren door diverse dieren met hun kwilspelstaarten uitgezwaaid. 

Kijk, en deze koers voelde voor ons nu eens super goed. Iets waarmee we zeker ook door zullen gaan. Niet voor een (nog) beter volgend leven. Dat wachten we, als dat er al in zit voor ons, wel af. Meer om daadwerkelijk een heel klein beetje bij te dragen aan dingen die er in onze ogen en in onze omgeving weldegelijk toe doen.  



Frans Captijn (Gangey Gruma) 




vrijdag 30 juni 2023

Het 'nieuwe en digitale normaal' maakt mij niet blij en gelukkig

Ik merk steeds vaker dat ik, hoewel nog steeds regelmatig een puppy, van een andere generatie ben. 
Gisteren, alaaf, op de kop af 66 jaar jong en gelukkig nog steeds sterk en gezond.
Iets dat de afgelopen week ook bleek uit een onaangenaam avontuur dat ik mee maakte. Bij een vroege ochtend wandeling met de honden kreeg ik een voltreffer aanval van 8 wespen waardoor ik in een ambulance op weg naar het ziekenhuis door mijn allergie in shock raakte en op de IC van het Lanna ziekenhuis in Chiang Mai belandde. Gelukkig nog net op tijd en gezond er weer uit om mijn verjaardag te kunnen vieren. En ook mijn hernia is gelukkig zo goed als over. 

Inmiddels al meer dan vijf jaar blij met Phatsamon die, in relatie tot mij door ons leeftijdverschil, van een soort tussen generatie is.
 
Het 'nieuwe en digitale normaal' staat me steeds meer tegen. Als ik er mee word geconfronteerd ben ik steeds vaker blij en gelukkig dat er nog zat dingen in mijn kennelijk kleinere wereld over zijn die voor mij meer waardevol zijn en diepgang hebben.

Gemiddeld zo'n twee keer per jaar gaan we voor een periode van ongeveer een maand naar mijn huis in Chiang Mai. En hoewel dat voor ons een soort van vakantie is, is het toch ook altijd een drukke tijd. Vrienden bezoeken, naar onze tandarts hier, de dieren vaccineren (dit keer de sterilisatie van Singto), enzovoort. 
In Chiang Mai wonen heel veel expats en de stad is daarop met meer voorzieningen voor (grotere) buitenlanders ingesteld. 

In Surin is het voor mij bijvoorbeeld moeilijk om aan kleding en schoeisel te komen die mij passen. Maatje 44 schoenen blijven te klein voor iemand die gewend is aan 46 bijvoorbeeld. In Chiang Mai is het allemaal vrij eenvoudig te krijgen. 

Naast het aanhalen van de diverse contacten die we er hebben gaan we dan ook steevast shoppen. Er zijn meerdere moderne en grote winkelcentra. Phatsamon, yep het 'tussen generatie gen', wil dan altijd ook graag voor de lunch naar haar 'Dragon restaurant'. Toen ze nog voor een bank in Bangkok werkte ging ze er bij speciale gelegenheden met collega's wel eens naar toe. Twee weken geleden op een zaterdag gingen we er samen voor.

Helaas voor ons moest je voor de Dragon buiten wachten tot er een tafeltje vrij was. Niet mijn ding. We vonden dus een andere 'aanrader' van Phatsamon. Restaurants te kust en te keur en vanuit allerhande landen. 

En hier begint het eerste 'niet aan kunnen wennen'. Ik heb jaren in de horeca en op diverse plekken gewerkt. Een restaurant is voor mij een restaurant en dat heeft toch andere kenmerken dan de modern ingerichte eetzalen in een shopping mall. Zelfs het kleine dorpsrestaurantje waar we wekelijks een paar keer in Surin naar toe gaan ademt een veel gemoedelijkere sfeer uit. Maar je moet soms ook eens meebewegen. Dus... naarbinnen met de geit. 

Op de tafel een vast gemonteerd computerscherm waarop reclames rondsuisen en waarop je je eten kunt bestellen. In het Thais en in het Engels. Helaas kun je het scherm niet op de stand 'uit' zetten. Je krijgt gelijk ook je rekening te zien. 
Om je heen mensen die aan zo'n zelfde tafel met bestel tv zitten en vooral in hun mobiel hangen. Een volgende voortdurende ergernis voor me. Waar is het echte  contact? Maar goed, meebewegen zei ik al. Het is immers het 'nieuwe normaal'.

Na een paar minuten rijdt er ineens een karretje met een muziekje en digitale draaiende ogen en een smile naar onze tafel. 62 staat er op (ja er gaan veel tafeltjes in zo'n eetzaal). Dat is ons nummer! Hoe geweldig!. Het karretje rijdt eerst iets voorbij, draait dan om en begint iets in het Thais te lullen. 
In zijn 'buik' staat achter perspex deurtjes het eten dat Phatsamon had ingedrukt. En even later nog een keer zo'n karretje. Ja, mijn vriendin was er nu weer een keertje dus dat moesten we natuurlijk ook een beetje vieren. En de prijzen? Een biertje bijna drie keer zo duur dan in een normaal en gezellig restaurant hier in de buurt. 
Bediend worden door een robot. Hoe fantastisch is dat niet? Grrrrrrr, niet mijn ding.

Na ons 'restaurant' bezoek zochten we even de sanitaire voorzieningen op. Een klein stukje lopen. Onder weg liepen we langs tien van een soort van ouderwetse telefooncellen. Allemaal vol met twee tot drie mensen die zich voor een beeldscherm vergaapte en liedjes aan het zingen waren. Een soort van karaoke box. Let wel, karaoke op zich vind ik af en toe ook leuk. Maar gezellig jezelf in een glazen hokje met airco opsluiten om liedjes te zingen en dan ook nog met je verslavende mobiel in je hand??? Nou ja, toch ook niet echt mijn ding...

Frans, je wordt een ouwe zeur! Dat kan dan wel wezen. Helaas pindakaas. Ik kan (en wil) er niet aan wennen. Dat middagje 'shoppen' was voorlopig voor mij voor een half jaartje wel weer genoeg. 
Gelukkig zijn er nog heel veel dingen om me heen die me een stuk blijer maken. 

Mijn moeder zou zeggen: "Je hebt in ieder geval voor Phatsamon een offertje gebracht" 😃.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 23 juni 2023

De gelukkige niet-politie agent

Als we weer voor een paar weken in Chiang Mai zijn gaan we als het even lukt elke vrijdagmiddag naar de grote markt in Mae Rim om inkopen te doen. 
Een grote keur aan dingen en voor wat betreft groente, fruit, vlees, kip, etc., super vers en van goeie kwaliteit. Het zijn vaak de mensen uit de bergen hier die hun producten verkopen. 

De markt heeft ook een gezellig 'barretje'. Daar moet je je niet teveel bij voorstellen. Het is een tentzeil op bamboe palen en verroeste metalen tafeltjes met plastic stoelen op een slecht gestorte betonplaat. En eigenlijk draait het daar helemaal niet om (en al zeker niet meer na een paar biertjes). Het gaat om de gezelligheid, contact en mensen kijken. Bier, Thaise whiskey, frisdrank en water worden er verkocht en ook cigaretten (per stuk). En de prijzen zijn meer dan schappelijk. Een grote fles (bijna 3/4 liter) bier met een emmertje ijsblokjes (bier drinken we hier zalig meestal met ijsblokjes er in) voor nog geen 1,75 Euro. 
Regelmatig ga ik al in de bar zitten terwijl Phatsamon, soms met haar vriendin hier, gaat shoppen. Andere kennissen zitten er soms al of komen wat later. Prima voor elkaar. 

Rond een uur of vier komt ook 'onze' politie agent op zijn brommer omdat de markt rond een uur of half vijf op zijn drukst is. Een drankje dat ik aanbiedt wordt steevast door de barman en hemzelf met een lach afgeslagen. Tijdens 'diensttijd' drinkt hij niet. Keurig netjes. Elke week straalt hij alsof nog steeds zijn jongensdroom in vervulling is. 

Niet gek. Hij stelt ineens wat voor en mensen hebben respect voor hem. Hij is namelijk helemaal geen politieagent. Als je wat beter naar hem kijkt kom je er achter dat hij eigenlijk een soort 'ratjetoe' vertoning is. Volgens mij heeft hij alles op een dump op de kop getikt maar het ziet er bij elkaar aardig professioneel uit. Op een afstand niet van echt te onderscheiden. 

Zijn laarzen zijn te groot en erg oud maar toch glimmen ze nog aardig. Zijn politievest heeft hij haast zeker hier in de stad gekocht. De helm die hij draagt komt uit Pattaya van een oude diender en inplaats van een pistool heeft hij in een leren tasje zijn mobiel en een portofoon die ik hem overigens nog nooit heb zien gebruiken. De rode zwaailamp is hier ook in de winkel te koop.
We denken dat het een soort van door de markt ingehuurde verkeersregelaar is die zijn outlook in de jaren heeft omgetoverd tot surogaat politieman. 

Wat maakt het uit? De man heeft zienderogen elke vrijdag de middag van zijn leven en doet, met een brede grijns, prima werk bij het proberen mensen veilig te laten oversteken. 

Wekelijks altijd weer een lust om naar te kijken en van te genieten. 

Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 16 juni 2023

Negatief Karma graaien

Een paar weken geen blog gepubliceerd. We zijn, na een pijnlijke reis door mijn hernia, een paar weken geleden in Chiang Mai aangekomen om daar wat te herstellen. Dat gaat vooralsnog langzaam en toch ook voorspoedig. 

Vorige maand woonde ik inmiddels alweer elf jaar in Thailand. In die tijd heb ik aardig wat gezien en aardig wat geleerd. Ook over de cultuur en vooral ook over het Boeddhisme. Dat Boeddhisme, als bron, was een aardige openbaring. Een filosofie om bewuster en vanuit een diepere beleving te leven. Het leverde en levert me heel veel inzichten op. Veel van die inzichten mocht ik al ervaren en ook delen. Zeker in de periode dat ik op het voormalige gezondheidsresort hier in Chiang Mai werkte. Ik kijk er naar uit om in de toekomst, op onze nieuwe plek in Surin, opnieuw die inzichten met onze bezoekers te mogen delen.  

Sinds ik voornamelijk op het platteland in Surin woon en de uitvoering en het uitdragen van die fantastische levensfilosofie zie heb ik juist daar een andere kijk op gekregen. In mijn ogen wordt het te hoog verheven en wordt er door velen vroom en met de nodige arrogantie stevig aan verdiend. En dat terwijl de basis juist ondermeer draait om tevredenheid met dat wat je hebt en afstand van materialisme. Helaas zijn in de media steeds vaker de uitwassen van die uitvoering te vinden en het is slechts het topje van de ijsberg. Eigenlijk te triest voor woorden omdat de basis juist zoveel goeds biedt. 

Zeker de oudere generatie is het boeddhisme met de paplepel ingegeven. Het doen van 'Tambun' (de verdienste van weggeven) als onderdeel bijvoorbeeld is een activiteit die er aan bijdraagt om goed Karma te verzamelen voor een beter volgend leven zo is de gedachte en leer. En van die Tambun wordt in de praktijk door ontvangende partijen vaak ook pittig misbruik van gemaakt. Ik zie het van wel heel nabij bij de moeder en haar vrienden en vriendinnen van mijn partner.
Het lijkt een gemakkelijke manier van geld verdienen. En juist dat staat me tegen. Mensen die weinig hebben en daarvan nog een groot deel weg geven, met hoop op een betere toekomst, waar anderen zich aan verrijken. Moeilijk het anders te zien en zeker iets dat niet hardop gezegd mag worden en al zeker niet tegen die oudere generatie. Zelf ben ik er een beetje klaar mee. 

Een voorbeeld dat overigens voor mij afgelopen zaterdag nog meer roet in het eten gooide bij deze ervaring. 
Anderhalve week geleden werden we door een Duitse kennis en zijn Thaise vrouw uitgenodigd om die dag met hen mee te doen met een Tambun event in de tempel van ons buurdorp hier in Chiang Mai.  

De opzet was dat je eten verzorgde voor mensen die dat nodig hadden en dat gratis weg gaf. 
We gingen afgelopen vrijdagmiddag met z'n viertjes naar de grote markt om verse spullen te kopen. Een pickuptruck aardig vol met vers fruit en andere lekkernijen. Het werd in ongeveer twee honderd porties in zakjes verdeeld. En wij waren niet de enigen. Er stonden zo'n honderd tafels klaar van mensen die dit ook op hun manier deden en natuurlijk de bekende bananenboom en schatkist waarin je de envelop met tempeldonatie kon prikken. Dat wordt dan weer gebruikt voor nog weer een tempelgebouw of boeddha beeld erbij. 

We waren er erg vroeg die zaterdag om de spullen klaar te maken. Monniken in opleiding die in hun mobiel hingen (iets dat, vind ik, niet hoort maar het is 'nieuw normaal' ofzo...) en geen acht sloegen op de bezoekers en zich te lui voelden om een handje te helpen. Vlak na ons arriveerden ook de mensen voor de andere tafels. Werkelijk stapels met verschillend eten en drinken tot de ijscoman (of liever gezegd vrouw) die klaar ging staan om gratis ijsjes te scheppen voor die mensen die nu niet zo heel vaak zich een ijsje konden permiteren (dat was immers het uitgangspunt). De bananenboom en schatkist werden inmiddels ook voller en voller en ook meer monikken van buurtempels arriveerden en gingen een grote hal in waar ook later een rijkelijke lunch voor ze werd geserveerd. 

Na boeddhistische gebeden en chanten zouden de tafels door de monniken gezegend worden en zou het 'startsignaal' voor het eten uitdelen beginnen. 
Helaas... Het werd ineens 'Ikke', 'Ikke', 'Ikke' dat de klok sloeg. Op het signaal werd door de menigte niet meer op gewacht hoewel de hoofdmonnik het tij nog probeerde te keren.  

Als raven kwamen er mensen, volwassenen en kinderen, met grote tassen die in een mum van tijd met twee tot drie tegelijk alles van de tafels weggraaiden. 
Binnen een tijdsbestek van vier tot vijf minuten was werkelijk alles, in mijn ogen, gewoon gejat en absoluut niet door mensen die het nodig hadden. We konden helemaal niets weggeven. Het was graaien wat de klok sloeg omdat het gratis was. 

Mijn vriendin merkte, in het Thais, op dat het leek of er hongerige demonen met grijparmen uit de hemel kwamen en dat dit negatief Karma verzamelen was. Iets dat door een aantal Thaien, hoewel nog steeds met een glimlach, niet echt werd gewaardeerd. En toch... het was gewoon zo. 

Voor mij was dit de druppel. Het is over en uit wat mij betreft in relatie tot tempels en monniken.

Nee, natuurlijk niet dat geven. Dat doe ik echter alleen nog rechtstreeks aan mensen, dieren en situaties die dat in mijn ogen echt nodig hebben. Die zijn er immers meer dan genoeg. 
Komende week gaan we naar een hondenopvang. 40 kg 'Tambun' (hondenvoer dit keer) hebben we daarvoor inmiddels al hier in huis. Dat voelt stukken beter dan dit negatieve Karma graaien dat we afgelopen zaterdag hebben mee gemaakt. 
P.s.: In mijn blog van 7 juli aanstaande zal ik er over vertellen.

Ik kan het helaas niet mooier vertellen en nogmaals, dat Boeddhisme blijft als basis gigantisch waardevolle inzichten bieden en daar draait het uiteindelijk echt om. Iets waarvan ik hoop nog heel veel te kunnen oppakken. 


Frans Captijn (Gangey Gruma)