vrijdag 22 oktober 2021

Rijst in Isaan, Thailand.

Waarom niet eens wat over rijst vertellen? Op de plek waar we aan het bouwen zijn zitten we er op dit moment letterlijk middenin. Als hooikoortspatiënt een aantal weken per jaar niet altijd een pretje maar de ‘groene energie’ (het lichte rijstgroen is mijn lievelingskleur) die van de velden afkomt maakt veel goed.

De taak van de rijstboer is om het land te bewerken en te bemesten,
Het rijstveld onder water te laten lopen,
De rijst op de juiste manier te zaaien of te planten
En nooit te vragen wanneer de rijstkorrels gevormd zullen worden.
Ze komen op hun eigen juiste tijd.
 
(Boeddhistische wijsheid)

Het gebied (Isaan), waar ik in Surin in Noordoost Thailand de meeste maanden van het jaar woon en samen met mijn partner aan het bouwen ben, wordt wel de rijstschuur van Thailand genoemd. Persoonlijk vind ik dat wat vreemd omdat ik denk dat er in andere delen van Thailand veel meer rijst wordt geoogst. Ik kom daar verder in dit blog nog even op terug.
Naast toerisme is het produceren en exporteren van rijst één van de grotere inkomstenbronnen van Thailand. Het eten van rijst in dit land kun je vergelijken met hoe wij aardappelen in Europa consumeren maar dan een graadje meer. Er wordt ook, net als dat met aardappelen het geval is, van alles van gemaakt.  
 
Zeker op het platteland, zoals waar wij nu wonen, is het de culturele gewoonte dat een kind na de geboorte een rijstplot, paddy of veld krijgt. Zo is dat dus ook met mijn partner en haar broers en zus. De landbouwgrond is (en blijft meestal) familiebezit. De hele gedachte erachter is dat mensen in deze omgeving van kind af aan mee krijgen dat je zo veel mogelijk zelfvoorzienend moet zijn. Op eigen benen moet kunnen (blijven) staan. Het is dan ook zeker niet alleen rijst maar bijvoorbeeld ook het telen en kweken van groenten, kruiden, vaak vee, vis (een grote vijver zoals wij die ook hebben), bananen, en wat daarbij komt en hoort.
 
Het levert een enorme veerkracht op. Een mooi voorbeeld van hoe dat werkte was en is te zien bij de wereldwijde pandemie. Mensen die hun baan in de stad of in het toerisme verloren gingen terug naar huis. Naar hun familie op het platteland. Een veilige basis. Er is altijd meer dan genoeg te doen en te eten. Over het algemeen geen stress maar toch stevig wat werk te verzetten.
 
Terug naar de rijst. De boeddhistische wijsheid hierboven geeft al heel veel weer. Ik gebruikte het regelmatig in mijn meditatielessen als voorbeeld. Er zijn enorm veel verschillende soorten en variaties rijst. Dat vertaalt zich in vele geuren, smaken en ook kleuren.
In de omgeving van mijn huis in Mae Rim (Chiang Mai) bijvoorbeeld wordt veel kleefrijst (dessert rijst) geteeld. In de velden om ons heen in Surin bloeit veel Jasmijn rijst.
 
De taak van de boer is om het rijstveld klaar te maken. Dat is ploegen (je ziet nog maar een enkele koe of handmachine voor dat werk maar over het algemeen een tractor) en daarna egaliseren. Regelmatig wordt al de eerste bemesting toegevoegd. En vanaf dat moment lopen processen uiteen. Dat heeft heel veel te maken met of er gewacht moet worden op natuurlijk water (regen) of dat er gebruik gemaakt kan worden van irrigatiesystemen.
 
De geploegde grond moet vochtig (modderachtig) zijn. Is er te veel water ineens en staat het land snel onderwater dan is zaaien geen optie meer. De zaai rijst gaat drijven met alle gevolgen van dien. Hier in Surin is het wachten op de regentijd. Afhankelijk van de eerste regen trekken de boeren er massaal op uit. Zaaien gebeurt hier het meeste. Super irrigatie hebben we hier niet. In Mae Rim is dat stukken beter. De watertoevoer is beheersbaar en dat geeft ook de mogelijkheid om twee, of soms zelfs drie keer, per jaar te oogsten. Hier in Surin blijft het over het algemeen bij maar één oogst per jaar. Buiten de regentijd is het veel en veel te droog om iets met het land te kunnen doen. Jammer want daarmee wordt de helft van het jaar met de velden bijna niets gedaan. Je ziet er de koeien op grazen die de rijststoppels en wat gras vanaf halen.
En dat is ook het antwoord om mijn vraag of het wel echt waar is dat Isaan de rijstschuur is van Thailand. Op andere plekken kan vaak vaker worden geoogst en daarmee dus in mijn beleving ook een hogere totaalopbrengst.
 
Staat het land te snel onderwater dan is het planten in kleine groepjes, nog steeds meestal met de hand, de andere optie. De rijst wordt op een klein stuk van het veld in een ‘nursery’ grootgebracht en wordt in groepjes planten met een slimme beweging, in de modder gedraaid.
 
En daarna wordt het afwachten, de water toevoer en/of afvoer zo veel mogelijk regelen door het water in en uit te laten stromen door de lage dijkjes tussen de velden én (kunst)mest toevoegen. Het is hopen en bidden voor de juiste weersomstandigheden. Een nat begin en een niet al te nat en vooral niet te winderig eind van de groeitijd.
 
Het hele proces duurt zo rond de vijf maanden hier. Dat is vaak veel langer dan op andere plekken waar, met water in de buurt, twee tot drie keer per jaar kan worden geoogst.

Als de rijst, hier aan het eind van de regentijd/begin droge periode zo ongeveer in november, goud geel gerijpt is, is het tijd voor de oogst. Meestal wordt er met speciale machines gedorst. Toch zie je ook nog steeds families die het zware werk met de hand doen. Vanmorgen tijdens onze wandeling met hond Kadhow werd er op twee velden met de hand de rijst geoogst die was omgewaaid bijvoorbeeld. Dat kan er niet meer met een machine worden afgehaald en gaat anders rotten. 
In de zon wordt gedroogd en gekeerd. Paniek als er regen komt want dan moet alles wat vaak op wegen is uitgespreid met dekzeilen worden afgedekt.
 
De droge rijst gaat dan naar de fabriek waar ze verder wordt gepeld en verwerkt. Een deel blijft achter als zaaigoed voor het volgende seizoen. Een deel houdt de boer zelf (die zelfvoorzienigheid).
 
De opbrengst (voor de boer) is in mijn ogen nihil (zo'n 20 eurocent per kilo voor de ruwe rijst). De overheid bepaalt jaarlijks een minimumprijs per ton of per kilo. Wat de consument ervoor moet betalen staat vind ik niet in verhouding. Aan het hele proces tot de rijst bij jou op tafel staat wordt meer dan stevig verdiend.
 
Boeren komen er helaas vaak minimaal vanaf. Gevolg is dat mensen op het platteland zich arm voelen. Of ze ook echt arm zijn weet ik niet. Financieel is de opbrengst inderdaad beperkt met die rijst en hun koeien. Voor wat betreft de cultuur en hun omgang met familie en elkaar en niet of nauwelijks stress, zijn ze in mijn ogen meer dan rijk en… vergeet ook die gigantische grote stukken grond die ze in hun bezit hebben niet.




Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 15 oktober 2021

Geen verwondering meer, of toch?

Amazing Thailand? Land van de glimlach…?

Nu ik hier bijna tien jaar woon kijk ik er toch wat anders tegenaan.

Het land van de glimlach? Eerlijk is eerlijk, die glimlachen zijn tot op de dag van vandaag helaas waarschijnlijk nog slechts achter een masker te vinden. Het straatbeeld is veranderd. Waar in de wereld overigens niet? Triest, vind ik, dat ‘nieuwe normaal’. Het is helaas niet anders. Angst heeft het voorlopig nog steeds overgenomen van spontaniteit. En hoewel we langzaam weer ‘open’ gaan zal dat uiterlijk vertoon nog wel even, of misschien wel voor altijd, blijven.

En ook de verwondering is, althans voor mij, grotendeels weg. En dat heeft niets met een virus te maken maar met het feit dat je ‘overal’ aan gewend raakt. Vier of vijf personen (jawel met mondkapje en zonder helm) op één scooter? Het is ‘normaal’. Pick-up trucks te hoog en te breed volgeladen? Niet nieuw meer. Spookrijders? Dagelijkse kost. Honden op scooters op de snelweg in het verkeer? Ik doe er zelf aan mee. En zo kun je hier nog wel even door gaan. En als ik er wat dieper over denk vraag ik me af of de echte verwondering dan weg is of juist heel erg is toegenomen.

Afgelopen week las ik ergens: “Er is altijd belangstelling voor het ongewone en het spectaculaire. Er is wijsheid nodig om de diepere gaven te zien, die in het alledaagse verborgen liggen.”

In het leven van veel mensen speelt nieuwsgierigheid een belangrijke rol. Zij willen weten, en voelen zich gerechtigd, om te weten wat er om hen heen gebeurt. Nu ik hier meestal in een klein dorp in Thailand woon maak ik het heel bewust mee. Mensen leven ervan. Het is het nieuws en een soort van sociale veiligheid.  Het stoort mij absoluut niet. Ik doe wat ik doe en ja, als buitenlander is dat meestal anders dan wat hier gewend en gewoon is. Goed dat er iets is om over te praten denk ik dan maar. En als er over dat wat ik doe gepraat wordt dan leef ik tenminste nog.  

En toch, ik verbaas me misschien wel meer dan toen ik hier mijn leven ging opbouwen over steeds meer. Niet meer over die dingen hier op de foto. Die zaken horen meer thuis bij dat wat onze toeristen verwondert.

Mijn echte verwonderingen zitten hem in de details en in de tijd om stil te staan om te kijken, te voelen, te luisteren, te proeven en te ruiken. Wat zitten dingen toch geweldig mooi in elkaar en hoe fantastisch zijn de meeste dingen om ons heen gemaakt.

Wie weet is het inmiddels wel die wijsheid om de diepere gaven te zien die in die alledaagse dingen verborgen liggen.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 8 oktober 2021

Tijd vliegt voorbij. Zo'n storing van ‘sociale’ media? Een fantastische herinnering om tijd verstandig te leven.

4 Oktober jl. was het alweer 27 jaar geleden dat mijn moeder overleed. Mijn oudste zus schreef me dat ze het zich nog als de dag van gisteren kon herinneren en dat het ook alweer vier jaar geleden is dat onze oudste broer overleed. “Tijd vliegt voorbij” zei ze.
 
We kennen het allemaal. En al zeker als je naar of op iets terugkijkt. Als je op iets waar je erg naar uit kijkt zit te wachten dan lijkt de tijd te kruipen terwijl die minuten natuurlijk niet trager gaan. Het is dus feitelijk allemaal een perceptie. Tijd vliegt voorbij. Elke dag mag je een dag optellen én streep je natuurlijk ook een dag af. Bij dat laatste sta je nauwelijks stil omdat je immers jouw ‘eindpunt’ niet kent. Je kunt proberen zo jong mogelijk te blijven. Zelfs in situaties proberen je leven te verlengen maar uiteindelijk, en dat geldt voor iedereen, verlies je die strijd altijd. 

Misschien is het beter om er eens meer bij stil te staan dat je tijd opraakt. Niet meer dan een normaal gegeven. Het helpt je om je tijd met verstand te gebruiken in plaats van te verspillen.
 
Tijdverspilling is in mijn ogen dan ook een beetje jammer. Beter om je bezig te houden met dingen die er écht toe doen en je minder druk te maken over dat wat je de hele dag aan wereldproblemen allemaal over je heen krijgt gegooid.
 
Als je wat ouder wordt sta je vaker stil bij die tijd die nog rest. De kwaliteit van je leven en hoe je daarvan zoveel mogelijk geniet. En inderdaad, als dat je lukt dan is dat een aardige luxe. Maar waarom zou je daar ouder voor moeten zijn? Te vaak maakte ik door mijn loopbaan mee dat mensen 's ochtends nog zeiden: "Tot vanavond". Helaas... 
  
En over wereldprobleem gesproken. We werden er diezelfde 4 oktober weer even mee geconfronteerd. Mensen die hun bestaansrecht uit ‘sociale’ media halen. Het ‘nieuwe normaal’ fenomeen bleek van een aanbieder een paar uur niet voorhanden. Een wereldwijde, lichte blinde paniek. Er was zelfs een life blog ingesteld en koersen kelderden. Bijna het eind van de wereld. Hoe moet ik nu mijn tijd doden?
 
Toch wel triest. Ik herinner me nog, inderdaad tijd vliegt, als op kantoor de stroom en/of het internet uitviel. Mensen kwamen dan hun kantoren uit en begonnen met elkaar te praten. 
Heeft iedereen, van nature, geen behoefte aan intermenselijk contact? Het waren leuke en vooral fijne momenten. En niemand maakte zich druk over onderlinge afstand moeten houden of ander gedoe.
 
Ik hoorde dat iemand afgelopen maandagavond tijdens de ‘sociale media uitval’ een oplossing opperde. “Hoe nu de tijd te doden? Doe gewoon hetzelfde als je normaal doet op social media, maar dan in levenden lijve.”
In mijn beleving een zinnige tijdbesteding (in plaats van gedragsverslavende tijdverspilling) die de kwaliteit van je leven uren per dag wat opkrikt. Ga eens wat meer tijd leven. Je tijd raakt immers op...
 
Overigens heb ik van die storing niets gemerkt. Tijdverschil zal wel een rol hebben gespeeld. Wij lagen zalig te pitten.
 
Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 1 oktober 2021

Dagelijkse ochtendwandeling. Steeds weer een fantastische ervaring.

Het is alweer 1 oktober. In Nederland is de herfst aangebroken. Hier in Thailand kennen we eigenlijk de vier seizoenen niet maar hebben iets vergelijkbaars. De regentijd en de droge periode. En die twee periodes kennen dan weer een warme en een koude periode in zich. Hoewel, koud... dat ervaren we met uitzondering van december en januari eigenlijk niet. Half april is het eigenlijk het heetste, gelukkig in de droge periode. Op dit moment zitten we hier aan het eind van de regentijd. Gisteren ochtend om half tien was het al 38 graden C en de vochtigheidsgraag lag rond de 90%. Een soort van gratis sauna die de hele dag duurt. Je went er aan en ook niet. 

Wat hetzelfde is, is dat je ook hier voortdurend de jaarlijkse cyclus van de natuur opmerkt. Op dit moment begint de rijst letterlijk de kop op te steken en dat is weer een fantastische ervaring. Zeker omdat deze lichtgroene kleur mijn lievelingskleur is. 

Elke ochtend na een uurtje yoga en meditatie ga ik er met hond Kadhow op uit. We hebben verschillende routes. Hij kijkt, staat stil, ruikt, holt ergens achteraan, verwondert zich en... ik doe voor een groot deel mee. Vooral met dat verwonderen. Ook een soort van meditatie. Ik laat mezelf eigenlijk dus ook uit. En elke dag is het weer anders. Met de wolken, de rijstvelden, de vogels, de bomen, de geur en de geluiden. Het blijft mooi om die ontwikkelingen in en van de natuur bewust stap voor stap mee te maken. 

Die bakken met regen, die me soms werkelijk de neus haast uit komen, leveren ook dat fantastische groen van dit moment op. Waarom langer schrijven als ik je op een ochtendwandeling met wat foto's mee kan nemen? 











Meestal steeds weer fantastisch begin van de dag. Blij en dankbaar om hier gelukkig nog steeds gezond van te kunnen en mogen genieten. 

 
Frans Captijn (Gangey Gruma) 


(P.s.: De laatste foto van het springbeest is van mijn dochter uit Perth (Australie) die zich bij haar ochtend wandeling in het park bij haar huis over dit dier meestal niet meer verwondert. Hij hoort daar gewoon thuis en hoort er gewoon bij ;)). 










 


 

vrijdag 24 september 2021

Ik mis niets!

Het is hier pittig en tropisch aan het regenen. Het geeft ons bouwproces extra pauzes. De afgelopen twee dagen waagde ik me er dan ook aan om een paar keer op mijn laptop live naar de algemene beschouwingen te kijken. Eergisteren vroeg mijn vriendin me daardoor ineens of ik heimwee had naar Nederland. Nou, … nee.
Natuurlijk mis ik daar mijn zoon en zou ik mijn familie graag weer eens willen zien. Een plan dat vorig jaar door een wereldwijd virus op het laatste moment in het duigen viel. Maar dat heeft voor mij niet met heimwee naar Nederland te maken.
 
Die beschouwingen waren in hoofdzaak voor mij een voorbeeld van een leerschool over hoe je vooral op vragen geen antwoord geeft en ook niet naar elkaar luistert. Het is werkelijk een kunst en dat noemen we kennelijk politiek.
 
Aan mijn zus schreef ik dat er in een peuterspeelzaal (waar de kinderhandjes dan ook nog eens niet zijn gevuld met een mobieltje of tablet om te tonen dat verhalen (beschouwingen) van een ander je geen ruk interesseren) stukken beter met elkaar gecommuniceerd wordt.
 
Hoe kunnen mensen de grijns op hun gezicht (of masker) in stand houden? Het moet toch vreselijk zijn om in deze negatieve energie van modder gooien, negeren en elkaar afzeiken te moeten (of willen) werken. Niet gezondheid bevorderend. Ziekmakend.
 
Het kleine Nederland is op heel veel gebieden groot. Iets om trots op te zijn. Voor de landspolitiek moeten we ons schamen. Het is, net als op veel andere plekken op de wereld, geen enkele eenheid (maar onenigheid) en, in mijn ogen, een trieste vertoning waarin mensen met werkelijk goeie bedoelingen voor het land helaas weinig voor elkaar kunnen krijgen… Dit is toch niet samen een land besturen van dat wat er binnen de EU nog te besturen voor een land over is?
 
Mijn jongste zus maakte de opmerking: “Je mist niets!”. Ze heeft voor mij gelijk. Nee… zeker geen heimwee. En, achteraf gezien, had ik beter wat anders en positievers kunnen doen dan naar deze vertoning van meningen te kijken. Het heeft nog niet eens amusementswaarde. 

Niets gemist en toch een beetje verspilde tijd. In ieder geval toch weer wat geleerd. In de toekomst maar niet meer kijken. Hopen dat het weer komend jaar deze tijd wat droger is.


 
Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 17 september 2021

Meer waardering voor natuur. Van lawaai in je leven naar stilte.

Lawaai en stilte
 
Ik moet het lawaai buiten sluiten
om boven het lawaai uit te stijgen.
Het lawaai dat onderbreekt, dat verbreekt.
Het lawaai dat isoleert.
 
Achteraf gezien heeft die burn-out van mij in 2010 heel veel goeie dingen opgeleverd.
Ik had een team van vier deskundige medici om me heen. Mijn huisarts, de bedrijfsarts, een eerstelijns psycholoog en een psychosomatisch fysiotherapeut.
Voor hen was het een pittige klus om mij ‘wakker’ te maken over daar waar ik nog mee bezig was. Na dertien maanden hard werken had ik eindelijk nieuwe inzichten over waar het leven van het leven werkelijk om draait en ging bij mij het roer van mijn levensstijl 180 graden om.
 
Een van de oefeningen die ik in het begin van zowel mijn huisarts als de bedrijfsarts kreeg was om tenminste een uur per dag in de buurt en in de natuur te gaan wandelen en eens stil te staan bij dat wat ik zag. Ik en stilstaan? Ik schaamde me in het begin kapot. Mijn prima salaris van de gemeenschap doorbetaald krijgen en ‘rustig’ een uurtje in de buurt en in de natuur wandelen…
 
Veel tijd aan de natuur besteedde ik tot dat moment niet. Ik leerde de natuur vanaf toen eigenlijk pas kennen. Van het lawaai in mijn leven kwam ik heel, heel langzaam, steeds meer in de stilte terecht. Mijn fotografie hobby hielp een handje (zoals de foto van één van de vele vlinders in onze tuin in Thailand op dit moment bij dit blog). En die natuur heeft inmiddels in mijn leven een prominente plek. Zeker ook als levensinspiratiebron en bij mijn dagelijkse meditatie.
 
De natuur is een wonderlijk gegeven dat we tijdelijk in bruikleen hebben gekregen. Prachtig om van te genieten. Heerlijk om erin tot rust te komen. En ook, hoewel ik niet echt een tuinliefhebber ben, boeiend om in te werken.
 
Je bewust’zijn’ komt los. Je gaat bewuster kijken en vooral zien, luisteren en vooral horen. Je merkt ‘verstoringen’ van de stilte op. Wind, de geluiden van vogels, een blaffende hond, een vis die in de vijver opspringt en een vogel die er in duikt om zo'n vis te vangen. Regen op de bladeren van de bomen, een werkende boer in het veld en af en toe een loeiende koe. Het gigantische palet aan en binnen kleuren. Bijvoorbeeld alleen al tientallen kleuren groen.  
Het is een opnieuw bewust ruiken, voelen en soms zelfs proeven. Zeker met een partner die op ons land zoveel groenten, fruit en kruiden verbouwd en daar mee kookt.
 
Het zijn dingen waar je normaal nauwelijks acht op slaat. Omdat het gewoon is? Nou nee, nu besef ik dat het heel veel kleine ‘wondertjes’ zijn. Het is veel meer omdat je er de tijd niet voor neemt. Al het andere (hollen) is veel belangrijker en moet vooral, is de mantra die je zelf in je hoofd hebt ingeprent.
 
En die tijd niet aan jezelf gunnen is kansen laten liggen. Je slaat de gratis hulp om tot rust te komen, je hoofd leeg te maken, energie, inspiratie en creativiteit op te doen, gewoonweg af. Door maar door te hollen raakt je batterij niet alleen (te) leeg maar laadt hij (burn-out) ook bijna niet meer op.
 
Mijn hoofd is zo goed als leeg, ik voel me gezond en gelukkig weer in balans. Stress weet ik me nog slechts te herinneren. Een van mijn lessen is dat ik me veel en veel eerder de tijd had moeten gunnen om die natuur meer in mijn leven toe te laten en te integreren. Op de keper beschouwd absoluut geen tijdverspilling omdat je na je bezoek weer fris naar dingen kijkt en sneller met creatieve oplossingen komt.
 
Weer een reden, meer een opdracht, om veel beter voor die natuur te zorgen en er respectvol mee om te gaan. “Laat niet als dank…”. Die gift moet ook voor volgende generaties in (betere) conditie zijn.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 

 

vrijdag 10 september 2021

Huichelaars. Voor mij een blijvende allergie.

Huichelaars, ik heb er volgens mij een zesde zintuig voor, ben er alert op én gevoelig voor.

Volgens mij gaat het onkruid dat voor een groot deel, alweer elf jaar geleden, een grote bijdrage leverde aan mijn burn-out nooit meer uit mijn systeem weg. Er gaat geen maand voorbij of dromen over huichelaars waarmee ik ben omgegaan komen weer op.

Huichelaars zijn van alle tijden en tref je helaas ook wereldwijd. Berichten die ik nu regelmatig hoor of krijg over ‘smerige’ praktijken en 'vieze spelletjes' hebben dan ook helaas invloed op me. Bedrog, onderdrukking, corruptie, kwaadaardigheid tegenover mensen en dieren, moord, etc., maken me bedroefd en zelfs weleens wat opstandig. Ik ben soms verbijsterd over de macht van misstanden en hoe mensen er mee weg (lijken te) komen.

Voor mij zijn huichelaars mensen van wie de buitenkant absoluut geen afspiegeling is van hun binnenkant. Netwerkers van huis uit hebben ze mooie praatjes, een glimlach of grijns op hun gezicht, vaak veel ‘vrienden’ en ‘kruiwagens’ op vele niveaus waardoor ze voor hun praktijken zijn ingedekt. Ze praten daar waar het hun uitkomt recht wat voor de wereld om hen heen totaal krom is. Hebben altijd wel een excuus en liegen als de beste. Regels voor anderen gelden voor hen niet. In een machtspositie lopen ze ook nog eens met witte boorden rond of dragen zelfs een uniform. Hun drijfveren zijn eigen belang. Macht, geld, zogenaamde status, bewondering (narcisten), jaloezie en vaak, dieper gekeken, ook angst.

De bron van dat wat we doen ontspringt in ons hart. Kwaad zowel als goed. Huichelaars gebruiken twee verschillende maskers, 'gezichten'. 
Oprechte mensen hebben geen masker nodig. Je hoeft dan immers maar te zijn wie je echt bent. Mensen die het hart op de juiste plaats hebben geven stabiliteit en houvast in je leven. Huichelarij daarentegen maakt de wereld rot.

Wie goed doet, goed ontmoet. Eigenlijk, de wet van Karma (actie en reactie). Mijn moeder zou zeggen; “Maak je niet te druk, ze krijgen uiteindelijk hun trekken wel thuis”. Iets dat ik niet alleen geloof maar waarop ik ook vertrouw. In de praktijk ben ik inmiddels gelukkig al aardig wat ontmaskeringen van huichelaars tegengekomen.

Het blijft voor mij een leerproces met daarin juist niet te veel aandacht aan die huichelaars en hun praktijken te geven. Een kwestie van herkennen, niet van de leg raken en snel de focus verleggen naar dat wat in de meeste mensen juist zo gigantisch deugt en voor goeds uit het hart komt en die voorbeelden te volgen.

Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 3 september 2021

Zie en ken jij je eigen plek? De meeste mooie dingen zijn gratis.

Wij gaan haast elke avond uit eten. Dat heeft niets met wat ze in Thailand ‘HiSo’ (mensen met een rijke achtergrond of hogere sociale klasse) noemen. Laten we gewoon lekker normaal blijven doen zeg ik altijd maar. Stel je dus ook iets anders voor dan dat we elke avond naar een luxe restaurant gaan. Het zijn gezellige plekken in onze buurt met prima en eenvoudig eten. We sparen er tijd en geld mee en komen ook nog eens andere mensen tegen voor een leuk gesprek (voor zover ze niet in hun mobiel hangen).
 
Een paar dagen geleden had ik het er daar met kennissen die hier ook wonen over dat we hier zo vaak prachtige vogels in de tuin hebben. Elke keer weer een fantastische ervaring. We toonden de foto’s die je ook bij dit blog ziet. Ook andere ‘restaurant’ bezoekers waren geïnteresseerd en kwamen kijken.
 
“Zitten die vogels echt in jullie tuin? Dat kan niet. Die tref je hier niet aan” werd er gezegd. “Nog nooit hier gezien.”

Dat is toch vreemd vind ik. In de anderhalf jaar dat wij hier nu wonen komen we die dieren hier diverse keren per week tegen. Elke ochtend tijdens yoga en meditatie komen er 'bezoekers'. Ik publiceerde er al eens een blog met veel foto’s over. En als wij in de ochtend lekker buiten op ons terras de tijd nemen voor ons ontbijt dan is het fantastisch om dat wat er in de natuur om ons heen gebeurt te aanschouwen. Je ogen, oren, neus en gevoel ervoor open stellen.
 
Niet alleen al die vogels maar ook al de verschillende planten met hun verschillende vormen en kleuren, de steeds wisselende luchten en de spelende kalveren in de tuin van de boer naast ons. De bries, de geluiden, de reuk. En, niet te vergeten dat wat we tot dan toe met onze eigen handen hier al hebben gebouwd. Het is dagelijks een nieuwe mooie en gratis real-time movie. 
 
En inderdaad, daar moet je even de tijd voor nemen en die verslavende mobiel voor wegleggen (je hebt immers tijd genoeg). En dat heeft niets te maken met de plek waar wij nu wonen. Ik had dezelfde ervaringen op de diverse plekken waar ik in Nederland woonde. Je kent je eigen stek vaak nog niet voor de helft.
 
Het blijft ontdekken én genieten als je je ervoor open stelt en je focus wat verlegt. En daarvoor hoef je niet op een volgende vakantie te wachten.

Frans Captijn (Gangey Gruma) 


vrijdag 27 augustus 2021

Over ‘oprechte’ verjaardagswensen en vriendschappen

 “Weet je wat de relatie is tussen je twee ogen?
Ze knipperen samen, ze bewegen samen, ze huilen samen,
ze zien dingen samen, en ze slapen samen, maar zien elkaar nooit.
 
Dat is wat vriendschap is!”
 
Ik kwam dit stukje tekst uit een artikel vorige week ergens op internet tegen. Het paste goed bij een paar gesprekken die ik met mijn partner en mijn twee kids had over vriendschappen en verjaardagswensen. En jawel, ook nu weer het liggen mijn ervaringen zeker weten ook aan mij...
 
Vriendschappen, hoeveel had ik er en hoeveel heb ik er? Toen ik nog mijn profiel op de ‘sociale’ media had, had ik enorm veel ‘vrienden’. Ik moet er nu nog vaak om lachen als mijn voormalige Duitse buurvrouw altijd praat over haar ‘Facebook vrienden’.
 
Toon Hermans begon zijn gedichtje “Vriend” met de zin; ”Je hebt iemand nodig….” En misschien draaien veel vriendschappen helaas juist wel daar om. Mensen die je voor of om iets nodig hebben.    
 
Steevast stuurde ik mensen op, of zelfs een dag vóór hun verjaardag, een verjaardagswens. Elk jaar een andere. Elke ochtend als ik mijn mobiele telefoon aan zette, sprongen mij de verjaardagen van de dag direct tegemoet. En natuurlijk stuurde ik een felicitatie.
Regelmatig kreeg ik een spontane reactie van de jarige Job terug dat hij of zij het zo geweldig vond dat ik aan de geboortedag dacht. Nou, sorry om te zeggen, ik dacht er, met uitzonding van mijn partner, mijn kids en mijn broers en zussen, meestal niet zelf aan. Het was die machine die het allemaal voor me bewaarde en me er automatisch aan herinnerde. Een vernieuwing van de oude verjaardagskalenders die je bij mensen op de wc zag hangen. Grappig eigenlijk die plek. Had je iets om naar te kijken. En ook dat is voor velen inmiddels veranderd. De mobiel gaat immers bij velen mee de wc op. Een verslaafde behoefte naast de dagelijkse behoeften op die plek.
 
Ook op mijn verjaardag stroomde mijn berichtenboxen over van de ‘spontane’ felicitaties. Zo geweldig dat mensen er ieder jaar maar weer aan dachten. Die berichten blijven inmiddels nagenoeg uit. Het is erg stil geworden met verjaardagswensen en ook met mails als je niet meer op die sociale media bent aangesloten en uit het formele arbeidsproces bent. Wie heeft je immers feitelijk dan ‘nog nodig’? Rust in de tent zou mijn moeder zeggen.
Eerlijk is eerlijk, ik mag niet klagen. Van een bank hier in Thailand en een paar bedrijven waar ik ooit iets kocht zijn er mensen die er kennelijk nog wel aan denken. Steevast krijg ik van hen een oprechte verjaardagswens ;).
 
Mijn zoon, die veel vrienden heeft, merkte onlangs na zijn verjaardag op dat zelfs een aantal van zijn aller beste vrienden zijn verjaardag hadden vergeten. En dat terwijl hij zeker wist dat zijn naam nog steeds op die oude verjaardagskalender in hun wc stond.
Niet dat hij zich dat persoonlijk heel erg aantrok maar hij had het wel opgemerkt. Mensen waar je dag en nacht voor klaar staat en waar hij ook altijd klaar voor zal blijven staan. Een probleem? Niet echt natuurlijk. En toch is het tekenend voor de echte waarde van een vriendschap. Het zijn van die kleine dingen die in vriendschappen een beetje de waarde tonen. En ook mijn dochter heeft vergelijkbare ervaringen.
 
En zo kun je je dus afvragen waarom, hoeveel en waarin je investeert. Wat de waarde is voor jou en voor die ander. En ja, dat is wel een hele zakelijke beredenering als je ook de emotionele waarde van een oprechte vriendschap in ogenschouw neemt. In tijden van (persoonlijke) crisis leer je je echte vrienden kennen weet ik uit ervaring.
 
Van mijn eigen ‘oude’ grote ‘echte’ vriendenkring is inmiddels weinig tot niets meer over. En, ik zei het in het begin van dit blog al, dat ligt zeker ook aan mij.
 
En is het in veel gevallen eigenlijk ook niet heel normaal? De meeste vriendschappen zijn slechts tijdelijk voor een periode dat je samen op eenzelfde weg loopt. Vaak in en voor die periode niet minder oprecht. Zoals die ogen waar ik het blog mee begon. Echte vrienden hoef je niet eens te zien. Ze zitten in je hart. En zelfs een felicitatie voor de verjaardag is niet nodig. Die oprechte wensen van hen ken je immers al lang. 

Ik las vanmorgen trouwens dat het gisteren 'internationale honden dag' was. Er wordt wat verzonnen. En toch... eerlijk is eerlijk. Misschien zijn dieren, en met name honden,  wel de meest oprechte vrienden. 
 
Zodra je je koers in je leven verlegt laat je vrienden en krijg je vrienden. Dat heeft heel veel met je eigen opstelling en houding te maken. Al die vrienden van de basisschool en van al die opleidingen die ik daarna mocht volgen, van de bar die ik ooit runde, vanuit mijn verschillende werkkringen en uit serviceclubs, tsjonge ik had er wat, er is nog een handje vol contacten over.
 
En voor mij zijn dat nu juist de echte oprechte blijvende en vooral waardevolle vriendschappen.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 20 augustus 2021

Wat bied je de liefdesbaby nog voor schrale en eenzame toekomst aan?

Meer en meer denk ik, en verbaas ik me, over de wereld waarin ik leef. Mijn blog van vorige week was er eigenlijk ook een uiting van. 

We hollen maar door en zijn zo snel met onze camerabeelden en nieuwsberichten dat we vaak de kans voorbij laten gaan om stil te staan bij wat er nu eigenlijk gebeurt of gebeurd is. Laat staan dat we de moeite nemen om te proberen de impact ervan te zien op onze toekomst en die van nieuwe generaties. Kortom, van bezinning komt meestal maar weinig tot niets terecht. 

We zijn gewend aan het ‘huisje, boompje, beestje’ gedrag en volgen het haast als vanzelfsprekend. Zo overkwam het ook mij. Je gaat trouwen, zoekt en koopt of huurt een huis, werkt samen aan een loopbaan, mooie auto en 'natuurlijk' probeer je ook aan kinderen te beginnen. Het hoort er immers bij. Op de sociale media worden alle liefdes baby's van je vrienden getoond, en je wilt er zelf toch ook een beetje bij blijven horen. Wat is het leven zonder baby shower lijkt het wel als ik verhalen om me heen hoor. 

Echt eigenlijk nooit vroeg ik me af of met kinderen beginnen nu wel zo wijs en verantwoord was. En in de 'nieuwe normaal' wereld waarin we inmiddels leven vraag ik me dat nog veel meer af. 
En, begrijp me niet verkeerd, ik ben super blij met de twee gezonde kids die wij mochten krijgen. 

Hier in Thailand zijn kinderen, al van generatie op generatie, in de meeste gevallen de pensioenvoorziening voor de ouders. In de Westerse cultuur is dat anders.

Steeds vaker hoor ik verhalen van mensen die het automatisme van kinderen krijgen heroverwegen. Een zeer verstandige move vind ik persoonlijk. Zeker ook als ik terug denk aan mijn tijd in Nederland waar bij de kinderopvang vlak bij kinderen meer werden gedumpt en haast letterlijk moesten worden gevangen. De ouders waren druk met zich zelf en echt tijd en aandacht voor hun kids bleek er door de haast vaak niet te zijn. 

De wereld verandert niet meer in een sneltrein vaart maar met de snelheid van een TGV. Nieuwe technologie, uitputting van de aarde, klimaatverandering met alle daarbij behorende ellende van dien, crises, virussen en noem maar op.

En niet alleen de wereld verandert supersnel. Tijden ook. De maatschappij is veranderd, mensen zijn veranderd, gedrag is veranderd, verdraagzaamheid en individualisme. En zelfs in letterlijke zin is de afstand tussen mensen door de techniek misschien dan wel klein geworden maar in de praktijk steeds verder vergroot.

Wat bied je je liefdesbaby nog voor schrale en eenzame toekomst aan, vraag ik me inmiddels regelmatig af. En wat moet je daar allemaal niet voor over hebben? Wat voor verantwoordelijkheid neem je op je schouders? "Bezint eer ge begint" is ook hier geen gek spreekwoord. 

En wat mijzelf betreft in relatie tot onze twee wereldburgers... Mocht ik nooit opa worden (iets wat ook zo bij die vanzelfsprekendheid lijkt te horen), dan ben ik over die 'schok' op voorhand al heen ;). Het is hun leven en zijn ook hun persoonlijke keuzes die ik respecteer. 

Als het zo is, waar het boeddhisme van uit gaat, dat ik na dit leven weer een nieuw leven krijg, dan hoop ik dat ik me dit blog tijdig herinner of wie weet het ergens op tijd nog eens tegen kom. 

Bewust kinderloos, en dat is niet egoïstisch want er zijn immers meer dan genoeg kinderen op deze aarde, hoeft nog niet zo’n gekke optie te zijn.


Frans Captijn (Gangey Gruma) 

vrijdag 13 augustus 2021

Eén wereld met exponentiel groeiende tegenstellingen

Per minuut sterven er momenteel wereldwijd zo'n elf mensen aan honger of ondervoeding. Stukken meer dan door de huidige viruscrisis. Wereldwijd kampen 155 miljoen mensen met acute honger of erger. 20 Miljoen meer dan een jaar geleden. Dat blijkt uit een rapport van Oxfam Novib.

Een in mijn ogen misplaatste en misselijkmakende reactie van een van de andere lezers van het artikel dat ik drie weken geleden op internet tegenkwam vermeldde dat dit heel natuurlijk is en te maken heeft met het recht van de sterkste…
Misschien dat ook dat steeds ergere afsmelten van de ijskap van de aarde en de klimaatveranderingen met de daaraan gekoppelde natuurrampen gaat over het recht van de sterkste.

En, en daar gaat het Oxfam rapport niet over, wat te denken over de toenemende pijnlijke 'honger' in onze wereld aan aandacht, geborgenheid en vriendschap waar misschien ook nog wel meer mensen aan leiden (of lijden)?

In diezelfde week een artikel over dat je toch in de toekomst in je leven een ruimtereis niet mag missen. Zonder ruimtereis heb je in de toekomst niet meer geleefd zo lijkt het. Als je maar geld hebt (kaartjes zijn inmiddels al te koop vanaf slechts zo'n half miljoen USD), en… het brengt innovatie.

Hoezo steeds meer tegenstellingen in onze wereld. Niet gek dat steeds meer mensen er ziek van worden en uit balans raken. Misschien dat dat wat er steeds meer gaande is politiek uit te leggen is als een extra bijdrage aan de ‘nieuwe afstand' en de 'nieuwe normaal' maatschappij...

Frans Captijn (Gangey Gruma) 



vrijdag 6 augustus 2021

Eindelijk steun om meer professioneel te improviseren.

Foto: Nu punt NL
Verbazing en blijdschap toen ik een artikel onder ogen kreeg waarin door het Instituut Fysieke Veiligheid (met als voorganger de Rijksbrandweeracademie in Arnhem waar ik ooit de 21e opleiding tot beroepsbrandweer officier mocht volgen) stelde dat één van de lessen van de viruscrisis is dat Nederland het heil niet primair moet zoeken in nog meer draaiboeken en scenario's, maar beter moet leren improviseren.

Het was ruim twintig jaar geleden, in mijn functie van brandweercommandant van de gemeenten Kerkrade en Landgraaf tot op de dag van mijn vertrek uit het vak, dat steevast mijn credo was om in ons werk in de hulpverlening en rampenbestrijding ‘professioneel te improviseren’. Mijn meer dan fantastische burgemeesters Wöltgens en Janssen van destijds steunde dat van harte.

Professioneel improviseren is niet ‘doe maar een dotje’. Het is vanuit vakmanschap, noem het maar meesterschap, kijken en durven te besluiten wat een crisissituatie nodig heeft om schade en leed aan en voor anderen zoveel mogelijk te beperken en de periode van ellende zo kort mogelijk te houden. Jawel een vak! En daarna ballen tonen om uit te leggen wat en waarom je dat, vanuit die afweging en overtuiging én de situatie op dat moment (achteraf is het altijd gemakkelijker praten en vooral oordelen) gedaan hebt. 

Die twee burgemeesters hadden geloof en vertrouwen in ons vak en predikte regelmatig: “Los jij (lossen jullie als hulpverleners) het maar op. Wij dekken het (bestuurlijk) wel af. Regelmatig kwam dit gezegde voorbij zeker ook in relatie tot de samenwerking met onze fijne Duitse buren waar alles tot op dat moment nog veel meer in regels en normen was gegoten. Iets waar je niet van mocht afwijken.

Hoe zot ik het vond om volgens allerhande ARBO regels en aan lijnen te moeten oefenen, nee, natuurlijk ben ik niet tegen veiligheid, maar in de praktijk met situaties te maken te krijgen waarin, om mensen te redden, je als vakmensen toch regelmatig echt die regeltjes los moet laten. En jawel, daaraan kleven risico’s (van het vak).

Het internationale Rode Kruis, waar ik een aantal jaar vrijwillig als crisismanager voor paraat mocht staan, is voor mij een voorbeeld van een organisatie waar dit steevast in de praktijk wordt gebracht. Fantastisch om voor te kunnen en mogen werken. 

Doorspekte juridische procedures en bestuurlijke koppen die toch vooral niet mogen rollen, zorgden er jaar na jaar voor dat regeltjes om nog te kunnen functioneren en nog meer draaiboeken volkomen werden dichtgetimmerd. Lef om er nog van af te wijken werd steeds minder. Hoezo veerkracht? Volg het protocol omdat je dan ‘nooit’ kan worden afgerekend op ‘foute’ beslissingen. Ze waren immers vooraf en meestal achter een bureau al bedacht…

Optreden bij rampen en crises vergt, wereldwijd, meesterschap door specialisten die bezielend vanuit hun professionaliteit besluiten durven te nemen om er (nog) het beste van te maken. 

De stelling uit het rapport van het IFV maakte me dan ook toch nog steeds, na zoveel jaren uit het vak, ontzettend blij. Regels en protocollen zijn er om, indien beter en nodig, vanaf te wijken. 

Professioneel improviseren, en zeker niet alleen in de rampenbestrijding en crisisbeheersing, roept specialisten op om het lef te tonen om er in de praktijk voor anderen het beste van te maken. Dat noem ik meesterschap tonen. 

Frans Captijn (Gangey Gruma)