zaterdag 27 juli 2013

Over liefdesbaby’s en hun (onechte) oppassers




Laatst zag ik weer eens een paar zwart-wit foto’s van mijn jonge jaren. Ja, zeker weten dat ik een zogenaamde ‘liefdesbaby’ van mijn ouders was. Ik straalde en mijn omgeving straalde. Ik was en werd omringd door oprechte aandacht en zorg van diegenen die me op deze wereld hadden gezet. Ik gaf ze, zonder er erg in te hebben, veel blijdschap terug. ADHD als de beste. Alleen was dat woord toen nog niet bekend. Misschien had ik op school zoals dat nu zo mooi heet ook wel een ‘rugzakje’. Zal allemaal best, niet veel van gemerkt, er wat tijd voor mij en dat heeft me nogal wat opgeleverd. Gelukkig zijn me heel veel dingen niet afgeleerd. Met dank aan mijn ouders en broers en zussen.

Ik kom uit een gezin waarin het heel normaal was dat mijn vader vooral bezig was om voor de inkomsten te zorgen en mijn moeder er voor de kinderen was. Voor beiden was het stevig aanpoten om het woord maar eens te noemen. Hard werken. Naast het werk had mijn vader de activiteiten van de zwemvereniging met de fantastische naam: ‘NVA’ (Nil Volentibus Arduum wat zoiets betekent als ‘zij die willen, kunnen het ook’). Mijn moeder had naast de zorg voor het gezin haar acteertalent dat ze regelmatig in de Haarlemse Schouwburg mocht laten zien.

Als ik naar school ging dan was mijn moeder er, als ik thuis kwam dan stond de thee eigenlijk al klaar. Een lekker ‘likkoekje’ er bij van Verkade dat je zo lekker in de thee kon dopen. Aandacht en even in je comfort zone ademhalen. Een oppas? Ik kan het me absoluut niet herinneren. Het zullen mijn broers en zussen misschien geweest zijn en dat voelde in ieder geval thuis.

Die oprechte zorg en aandacht is eigenlijk, tot ik het huis verliet, altijd gebleven en nooit veranderd. Toen ik ouder werd ging ik, als geen ander, stappen. Thuiskomen in de nacht? Mijn moeder, met de krulspelden in haar haren, kwam toch even uit bed om te vragen hoe het geweest was. Biertje er bij en willen weten wat er speelde. Soms ging ze zelfs met activiteiten mee of reden we achter politieauto’s aan die, dat wissen we door de scanner, in de buurt waren. In het weekend natuurlijk zwemmen bij NVA en dan was ik met en bij mijn pa.

Mijn jeugd was leren door fouten te mogen en kunnen maken. Leren in de praktijk zou je kunnen zeggen. Ervaren. ‘De praktijk is de beste leerschool’ is dan ook een uitspraak die me van mijn pa goed is bijgebleven. Televisie stond ’s avonds best wel eens aan. Maar vooral was het thuis gericht op sfeer, gezelligheid, samen optrekken en ‘tevreden zijn’ met dat wat er is. Lang niet altijd een vetpot en ondanks dat ben ik totaal niets te kort gekomen. Het voelde als een continue feest van erbij horen.

Het kan ook anders. Als ik terug denk aan mijn tijd in Middelburg, dan zag ik als ik op de fiets naar mijn werk ging ouders die de zorg en aandacht voor hun kinderen uitbesteden. In de ratrace van de ouders werden ze haast letterlijk bij de ‘kinderopvang’ gedumpt. ’s Avonds, vlak voor de sluitingstijd van diezelfde kinderopvang zag ik de ouders regelmatig, met de tong op de schoenen van het haasten en de stress, hun zorg voor hun liefdesbaby’s tijdelijk weer op de schouders nemen. Haasten in ieder geval want ’s avonds moeten we nog veel doen, sportschool, verenigingsleven (je moet immers ook ontspannen), misschien zelfs gewoon vluchten… Buiten de ‘kinderopvang’ dan ook andere oppassers. En als de kinderen ouder worden introduceren we de digitale oppassers. Computers, I-pads, etc., etc.. Het houdt ze, wel heel letterlijk, van de straat.

Of dit nog leven en/of beleven is? Voor mij in ieder geval niet. Het gemakkelijkste excuus van deze tijd…Ik ben van een andere generatie;)) Blijf erin geloven, denk ik dan.

Onlangs trof ik hier een Nederlands stel met hun zoon 'Zorro'. Bewust kozen ze er voor om een hele lange periode samen en met hun zoon op te trekken. Nog maar eens niet naar school (om af te leren?). Hier de natuur ervaren, gezinsleven ervaren en ervaringen op doen. Het zal hun Zorro geen windeieren opleveren verwacht ik.

Wat ben ik blij (en tevreden) dat ik het allemaal heb mogen meemaken en vooral… ervaren zonder al die ‘onechte’ oppassers.


Frans Captijn


vrijdag 19 juli 2013

Zonder regels loopt het vaak veel beter

Vanmorgen bezocht ik met een deelnemer aan een van onze programma's de basisschool. waar mijn vrouw lerares Engels is. Er was een bijeenkomst voor de kinderen met monniken omdat zij de komende drie maanden in hun tempels blijven. 

Onze gast, en dit is niet de eerste, beleeft hier een enorme cultuurshock Hij is stom verbaasd over hoe het hier in dit land allemaal niet geregeld is en dat er ondanks het ontbreken van vele regels zo enorm veel ordening is. Bij deze kindertjes met hun lachende gezichten wordt het er op een natuurlijke manier gewoonweg ingegoten. Je hebt met elkaar rekening te houden, pluk de dag wat meer, lach, deel en leer.

In 2004 deed ik in verband met mijn masteropleiding een onderzoek. De vraag was of cultuur invloed op risico beleving had. Ik schreef er een scriptie over. Ik onderzocht de cultuur binnen de rechtspraak, bij een krantencombinatie en in twee woonwagencentra. Eén van de zaken die me opvielen was dat hoewel er misschien weinig regels aanwezig waren, het woonwagenwereldje waarin ik even mocht vertoeven het meest geolied liep. 

Er wordt hier ook geleerd in plaats van je niet confronteren met situaties waarin en waaruit je jezelf moet redden. De speeltuin, die er overigens geweldig goed en netjes verzorgd uit ziet, zou in Nederland worden afgekeurd omdat langs de glijbaan geen hekje staat. Onder de treden van de trap hangt geen netje, de keukenvloer naast de speeltuin is te glad en er is een betonnen rand waaraan de kinderen zich zouden kunnen bezeren, nooduitgangsbordjes en noodverlichting ontbreken, de tafeltjes en stoeltjes zijn niet conform de ARBO (de kinderen ze zitten voor het merendeel op de grond), er zijn op het aantal kinderen te weinig wc's, voor zowel de jongetjes als de meisjes is er maar één douche (waar ze dan met z'n tienen onder staan), het eten wordt in de buitenlucht schoongemaakt en jawel, daar zouden insecten bij kunnen komen, enz., enz..

Al doende leren de kinderen hier. Af en toe moet je gewoon eens een keer stevig op je gezicht gaan om te leren dat je weer kunt opstaan. Natuurlijke veerkracht heet dat. Als je schreeuwt heeft je buurman daar last van. Je schreeuwt dus niet. Als je met veel kinderen in een kleinere ruimte moet verblijven voor een tijdje, dan maak je automatisch even rijtjes. Voordeel is dat je links en rechts van je altijd vrije kijkruimte hebt. In je broek plassen doe je met twee al niet omdat je immers geen luier hebt. Eén keer voelde je die warme straal langs je benen en dat was, ook voor je buurman of buurvrouw, geen fijne gewaarwording. Dat wil je dus niet nog eens meemaken. Als je twee bent loop je dus tijdig keurig naar de (erg lage) wc. 

Net als in de woonwagenwereld waarin ik tijdens een stage me oprecht mocht verbazen en intens mocht genieten kwam alles op een hele natuurlijke manier gewoon tot stand. Er was ordening en alles liep eigenlijk als een geoliede machine. Het mooie was ook dat als er eens een keer iets mis ging mensen geleerd hadden om vanuit hun eigen veerkracht niet bij de pakken neer te zitten. Wijzen naar een ander is er niet bij, de handen uit de mouwen, je creativiteit gebruiken en het zelf oplossen. Kun je er niets aan doen? Dan wacht je gewoon tot de omstandigheden weer zo zijn dat je dat wel kunt. In de tussentijd word je niet boos, blijf je glimlachen en vecht je niet met jezelf. Je geeft je aan de situatie over... Het is zoals het is en je maakt er in de gegeven omstandigheden het beste van. Je laat je, zoals op de foto hierboven, gewoon meedrijven op dat wat er onder je ontstaat.

Hier beleef je dat het zonder regels op papier vaak heel veel beter loopt. Je hoeft je zelfredzaamheid op latere leeftijd ook niet eigen te maken. Van jongs af aan zit het er gewoon in. Waar draait het leven om? Wat het niet om intens en bewust te leven?

Frans Captijn

 


vrijdag 12 juli 2013

Kiezen voor jezelf

Mijn blog voor deze week is een ingeving die ik vanmorgen kreeg na een ervaring met het lopen van ons labyrint woensdagavond.

Een gast was al twee dagen enorm geïnteresseerd om het lopen van het labyrint te gaan ervaren in en met een groep. Woensdagavond was het dan ook zover en ze was dan ook al vroeg over het met brandende fakkels verlichte pad de heuvel op gelopen naar de plek waar het labyrint omringd door kaarsen is. Er volgden meer gasten. 

Zoals elke woensdagavond gaf ik eerst uitleg en kregen de gasten de mogelijkheid om het labyrint vrijwillig te lopen en de invloed persoonlijk te ervaren. Nadat er al enige tijd zachte harpmuziek speelde en de ogen van de gasten aan het kaarslicht waren gewend dacht ik dat juist die gast als eerste zou opstaan om die ervaring te gaan opdoen. Ze had er immers al even verlangend naar uitgekeken. Ze bleef echter zitten. 

Alle gasten liepen meditatief het ene pad in en uit, met uitzondering echter van jawel juist die ene gast. 

Bij de nabespreking die volgde gaf ze op het eind aan dat ze trots was op zichzelf. Ondanks het feit dat ze er zo naar uitgekeken had miste ze voor haarzelf het magische gevoel  om het te lopen. Ze deelde met de andere deelnemers en deelneemsters dat het voor haar een overwinning was om het niet te lopen. Voor het eerst in haar leven had ze besloten om alles wat haar omgeving opriep nu eens niet te volgen. Ze had de keuze gemaakt om de groep niet te volgen ondanks dat ze de verwachtingsvolle energie om zich heen voelde om ook mee te doen. Toen ze dit besluit genomen had kwam er ineens een vuurvlieg om haar hoofd en die bleef maar om haar hoofd heen rondjes draaien. Juist daardoor ervoer ze een ander magisch moment dan dat ze zich had voorgesteld. Ze was enorm opgelucht en straalde een blijheid uit omdat het enorm goed voelde. 

Dit ging ze vaker doen. Kiezen voor haarzelf in het vertrouwen dat je je kunt overgeven aan je  intuïtie en gevoel. Ze was over haar denkbeeldige drempel. 

Nooit verwacht dat labyrinten ook juist deze kracht bevatten. Elke week is het weer een feest van verrassingen.

Mijn les... kiezen voor jezelf zou je eigenlijk altijd moeten doen. Een plaats van anderen, tegen je wil in te 'pleasen' zou je vaker koers op jezelf moeten richten.

Frans Captijn  

vrijdag 5 juli 2013

Vakantie... ruimte geven aan jezelf!

Het is zomervakantie! Hoewel het weer voor sommigen nog wat te wensen over laat is deze periode bij uitstek hét moment om heerlijk te ontspannen, intens te (be)leven, thuis te komen bij jezelf of tijd te nemen om gewoonweg je eigen ding te doen.

Is het eigenlijk niet vreemd om haast alleen tijdens de vakantie bezig te zijn met ontspannen en je eigen ding doen. De vraag die je je immers kunt stellen is waarom je niet altijd je eigen ding doet en periodes van ontspanning gedurende de dag in last om energie te tanken. Door schade en schande ben ik daar zelf achter moeten komen.

Misschien is het een tip om juist deze vakantieperiode ook eens tijd te nemen om te onderzoeken of een ervaring door deelname aan één van onze http://www.villa-asia.nl programma’s een welkome inspiratiebron kan zijn om meer met een open hart/geest door het leven te gaan. Spijt zul je er niet van krijgen om eens extra ruimte te geven aan jezelf.

Zeven weken gratis een minispeurtocht (zie onderaan onze homepage) voor thuis ontvangen kan daarin wellicht al een eerste stap zijn nu je misschien jezelf deze periode wat meer tijd gunt.

Wij wensen je een super fijne vakantie met daarin vooral ruimte voor jezelf.

Namens het team van Villa-Asia
Frans Captijn
  

vrijdag 28 juni 2013

Diploma’s raken (gelukkig) steeds meer uit…



Volgens mij waren huisartsen en specialisten, zo’n veertig jaar geleden, de eerste groepen die te maken kregen met patiënten die het eigenlijk allemaal zelf al beter wisten of dachten te weten. Televisieprogramma’s als ‘De televisiedokter’ en nadien ‘Vinger aan de pols’, en ook bladen zoals Margriet en Libelle zorgden bij hen voor volle wachtkamers. Patiënten die symptomen en ziektebeelden bij henzelf herkenden na het zien van een uitzending of het lezen van een artikel. De doktoren kregen tegenspraak van een steeds mondigere patiënt. De patiënt vergaarde kennis. De status van de dokter, de pastoor of dominee, de burgemeester, de politiechef, brandweercommandant, etc., brokkelde langzaam af naar, in mijn ogen, steeds normalere proporties.

Kennis werd steeds meer vindbaar in de sociale omgeving en bleef niet meer beperkt tot een selectieve groep. Kunde, vertrouwen, gevoel en ‘klik’ tussen een beroepsbeoefenaar en een klant kreeg stap voor stap (nog) meer waarde.

Tegenwoordig leven we in een omgeving die op nagenoeg ieder gebied haast een overkill aan kennis/informatie kent. De wereld blijkt een dorp omgeven en verbonden met het World Wide Web. Kennis is voor iedereen op een heel eenvoudige manier toegankelijk en meestal ook goed begrijpelijk. Kennis is zo langzamerhand geen echt item meer. Kennis vergaren haast niet eens meer een kunst in de netwerkomgeving waarin diverse generaties samen werken.

Waarom spelen diploma’s, voornamelijk gebaseerd op het kunnen aantonen van verworven kennis, dan nog steeds zo’n grote rol in de tegenwoordige tijd? De huidige generatie weet al lang dat in de kennis- en informatieomgeving waarin ze acteren die kennis eigenlijk niet meer hét item is waar het om draait. In een handomdraai weten ze alles op internet op te zoeken en zijn ze op kennis niveau hun docenten of professoren soms voorbij.
En toch gaan we maar door met het systeem van, ouderwetse en vaak algemene, papiertjes halen. Papiertjes waarbij, als je tenminste de studenten mag geloven, soms veel onnodige studie en kennis ballast zit.

Inmiddels komen er steeds meer organisaties die het lef hebben om buiten de ‘sollicitatie kaders’ en ‘functievereisten’ van diploma’s mensen te werven. Een verademing en volgens mij ook toekomst. Uit reacties op onze ‘Bootcamp voor Young professionals en Young potentials’ merk ik het ook op. De huidige jonge generatie die in organisaties aan de slag gaat of is heeft een ander wensenlijstje. Ze gaan voor groei op een manier die hen ligt en gestoeld is op gebruik van hun talenten en passie. Niet alleen een natuurlijke manier maar ook nog eens een gemakkelijkere manier dan ze in bochten wringen in vormen van werk waar ze niet ‘voor gemaakt’ zijn. Inzetten op waar je dus ‘gewoon’ wél goed in bent.

Ons, in mijn ogen vaak nog ouderwetse, schoolsysteem leidt nog steeds veel op voor kennis. Basis blijkt ‘boekenwijsheid’. Als je, in een systeem, een voorgeschreven pakket aan kennis ‘uit de boeken’ (en daarbuiten) jezelf voldoende hebt eigen gemaakt dan krijg je je diploma. Steeds minder zeggend, laat staan nog onderscheidend.

Het kan volgens mij sneller, leuker, simpeler, beter en vooral met veel meer passie. De werkwereld draait in mijn ogen met de dag meer om een bijdrage die is gebaseerd op passie en talent. Kennis blijft een rol van betekenis spelen maar is overal gemakkelijk verkrijgbaar. Een diploma maakt je niet langer meer specialist. Eerder misschien wel generalist. Hoe kan het zijn dat een gepassioneerde en in de praktijk super functionerende kok zijn diploma niet krijgt omdat hij een onvoldoende heeft voor het vak Engels? Daar moeten we van af. ‘What you see is what you get’ is inmiddels te weinig. Je kunt veel en veel meer als werkgever krijgen en als werknemer bieden. Dat maakt je juist een specialist! Unieke kwaliteiten, talenten en de wijze hoe die in een organisatie worden ingebracht. Bezieling, verbinding, betrokkenheid, samenwerken en bouwen aan duurzaamheid. Het groeien door (samen) te delen. Docenten in het huidige onderwijs systeem moeten in mijn ogen dan ook veel meer talentmanager dan kennis overdrager zijn of worden.

Als bedrijfsleven en overheid slim zijn stappen ze steeds meer van de zogenaamde ‘kracht’ van een diploma af en zetten ze veel meer in op een andere wijze van werving en selectie. Een die veel meer gericht is op talent en passie in samenhang met organisatiemissie. Meer, zoals op de in dit blog opgenomen foto staat aangegeven, op de uitdaging om maar eens aan te tonen wat je in huis hebt.

Diploma eisen laten vervagen zal nog een hele toer gaan worden want het, in mijn ogen soms wat kromme, systeem van functiewaardering (en daar hangt nogal wat van af) heeft geen houvast meer. Zonder systeem wordt het chaos denken velen. Vooral dus blijven vasthouden… Toch zal blijken dat de echte waarde van een bijdrage die iemand levert wordt bepaald door de klant en door directe collega’s waarmee wordt samen gewerkt om een waardevol kwaliteitsproduct te leveren. Het is misschien even wennen maar vindt met de nodige creativiteit vast stap voor stap zijn weg.

Frans Captijn


vrijdag 21 juni 2013

Meer succes in je baan met kennis van onderwaterprofielen



Weer iets heel anders dat tijdens een werkprogramma, in deze context haast letterlijk, boven kwam drijven was de term ‘onderwaterprofiel’.

De eerste dag van een nieuwe baan zijn werkgevers en werknemers meestal het meeste gepassioneerd en blij met elkaar. Daarna blijken de verwachtingen regelmatig tegen te vallen en brokkelt het met die passie regelmatig snel af. Vooraf de tijd nemen om de onderwaterprofielen te leren kennen maakt in het werk enerzijds langere tijd gelukkig. Anderzijds bespaart het veel ellende als blijkt dat de profielen niet op elkaar passen. Je kunt dan dus beter niet met elkaar in zee gaan. Assessments geven hierop meestal geen antwoord.

De term ‘onderwaterprofiel’ was tot een jaar of twee geleden voor mij onbekend. Ik las hem in twee boeken van onder andere de hand van een hele goede bekende en samenwerkingspartner Titia Lont. Ze schreef ze voor nieuwe burgemeesters en wethouders. Prof. dr. Harrie Aardema  heeft er voor gemeentelijke organisaties zo’n onderwaterprofiel uitgewerkt. Zelf heb ik, in het tweede boek dat ik aan het schrijven ben, de profielen nog wat algemener bewerkt.

Als mensen in een organisatie gaan werken is het goed om van die organisatie een totaalbeeld te hebben. Omgekeerd is het als organisatie goed het totaalbeeld van een nieuwe werknemer te hebben. Dat is echt meer dan een CV. Voor beiden is dat beeld meestal absoluut niet compleet. Vaak blijkt van de buitenkant alles mooier en aantrekkelijker dan in de situatie dat je er al een tijdje werkt. Je ziet dus slechts de bovenkant van ‘de ijsberg’. Dat betekent dat er vaak nog een veel groter, onzichtbaar, gedeelte onder zit. De onderkant. Die onderkant is moeilijker te vatten. Er zitten veel zaken onder de waterlijn zo zal bij nader onderzoek blijken. Hoe je naar die zaken die je dan mogelijk ontdekt kijkt is ook nog weer eens per individu of organisatie verschillend. Ieder leeft immers in zijn eigen definitie van de werkelijkheid. Je meet zaken af naar je eigen beeld, gevoel, normen & waarden. Je kunt er van uit gaan dat het speelveld, als je je er in verdiept, toch net wat anders is dan je eerste indruk die je krijgt. Wat heb je elkaar, om te groeien, te bieden en welke ‘houdbaarheidsdatum’ hangt daar voor beiden aan vast? Wat inspireert jou in je leven en je werk en wat inspireert een organisatie? Stroken die zaken met elkaar. Vragen die eigenlijk niet of nauwelijks ter spraken komen. Zaken, in mijn ogen super noodzakelijk om te weten, om te kunnen groeien door te delen.

Na enige tijd blijkt de passie toch sterk verdwenen en begint de rechtspositieregeling en die zaken waar men juridisch ‘recht’ op meent te hebben de boventoon te spelen. Groepen mensen jutten elkaar daarin ook nog eens aardig op.

Aardemaa geeft aan dat de top van zowel de individuele als de organisatie ijsberg gaat over de normering. Het is slechts 20% van waar het in het totaal plaatje om draait. Zaken voor de werknemer als: Functiebenaming, salaris, functieprofiel, rechtspositie, werktijden, reistijden, onkosten-vergoeding, secundaire arbeidsvoorwaarden, vaste of tijdelijke positie, etc.. Voor de werkgever als: Profielschets, visie en missie, regels, plannen, structuren, programma’s, veranderagenda’s, competentieprofielen, etc..

Voor 80% gelden echter de zogenaamde ‘stille waarden’ van zowel een werknemer als een organisatie. Ze komen niet of nauwelijks aan bod en zijn een voedingsbodem voor onrust in een werkrelatie. Voor individuen kunnen bijvoorbeeld status, motieven, passie, nevenfuncties, drijfveren, leerervaringen, overtuigingen, gevoelens, ambities, etc., een rol spelen. Voor een werkgever juist zaken als macht, motieven, drijfveren, behoeftes, (voor)oordelen, informele deals, ongeschreven regels van het spel,verborgen agenda’s, strategisch gedrag, zelfordenende krachten, etc..

Zowel van organisaties als van individuen zijn er dan ook veel zaken die niet terug te vinden zijn in formele documenten of in heldere, duidelijke en tastbare zaken. Die zaken hebben vaak een enorme invloed op het krachtenspel tussen werknemers en organisaties maar uitgesproken worden ze over het algemeen, buiten de bekende wandelgangen, niet. 

Wat meer tijd, vóór het aangaan van een nieuwe werkrelatie nemen, om je wederzijds te verdiepen in elkaars onderwaterprofiel kan veel leed besparen en zorgt vanaf een vroeg moment voor een langer houdbare werkrelatie. Volgens mij een win-win.

Frans Captijn

vrijdag 14 juni 2013

Slaaf van jezelf

Toen wij in Indonesië op vakantie waren hadden we een paar dagen een leuke gids. Hij sprak over zijn vrouw die hij 'ambulance' noemde en gaf toe dat hij dat zelf ook vaak was. 

Ambulance? Ja, zei hij, een ambulance maakt het zelfde geluid. "Doe dit, doe dat!" Vaak vraag ik me af waarom ik dat doe.

Het was even lachen en nog steeds komt zijn verhaal af en toe boven. Nu was het de ander die iets verlangde of opdroeg. Heel vaak zijn we het juist zelf. Regelmatig zijn we, zonder het zelf in de gaten te hebben, slaaf van onszelf.

We moeten dit, we hebben geen andere optie dan dat... Althans, dat denken we en zo handelen we ook. De omgeving van willen hebben en de 'ik' (ego) cultuur leggen veel druk op je schouders en je doet het heel vaak jezelf aan.

"Als je je geluk zet op tijdelijke dingen, dan zal je geluk ook tijdelijk zijn." Een uitspraak van Nick Vujicic, een inspirerende man zonder armen en benen uit Australië, die voor mij een groot voorbeeld is. Die tijdelijke dingen zijn heel vaak de zogenaamde 'hebbedingen'. Je hebt ze feitelijk maar voor een tijdje te leen. Meenemen kun je uiteindelijk helemaal niets. 

Wat moet je nu eigenlijk allemaal? Ben jij niet degene die de keuzes maakt? Welk generaal excuus gebruik je keer op keer om jouw keuze, die je misschien helemaal niet wilt, te rechtvaardigen? Voel je je in een net waaruit je denkt niet te kunnen ontsnappen? 'Verantwoordelijkheden' die je niet wilt ontduiken? Dat hoeft ook niet maar wees eens meer creatief. Denk 'out of the box' en luister meer naar dat stemmetje in jezelf. Die stem heeft het eigenlijk nooit verkeerd. 

Als je altijd blijft doen wat je altijd deed, krijg je altijd wat je altijd al kreeg. Lang niet altijd een gemakkelijk proces om uit je vicieuze cirkel te stappen. 
Hier maak ik gelukkig regelmatig mee dat mensen op een kruispunt in hun leven het roer wel degelijk om gooien. En ja, dat is soms best angstig (ik kan er over mee praten). De beloning nadien... een cadeau aan jezelf en daarmee ook aan je omgeving.

Je hebt de sleutel voor je eigen vrijheid zelf in handen. Soms kan een beetje hulp om hem uiteindelijk zelf om te draaien een welkome aanvulling zijn. Mocht je hierover meer willen weten of het aan den lijve eens willen ervaren? Je weet me/ons vast te vinden. 

Frans Captijn